Banner

Yves Petry

De maagd Marino

Hildegart Maertens - 01 december 2010

Yves Petry studeerde wiskunde en filosofie, een argument dat tegenstanders van zijn oeuvre blijven aanhalen wanneer ze het hebben over zijn intellectueel “onleesbare” oeuvre. De maagd Marino is zijn vijfde roman tot nu toe en in feite ook een van de meer toegankelijke. Na het bekroonde De achterblijvers zou dit dan ook het boek kunnen zijn waarmee Petry terug toegang vindt tot het grote publiek.

{image}

Het verhaal begint met de schokkende beschrijving van hoe de gedrogeerde Bruno zijn penis verliest, terwijl hij vastgeketend zit aan een muur. Daarna wordt hij de keel overgesneden en in stukken gesneden en gedeeltelijk verorberd door de sadomasochistische beul. De rest van het lijk wordt begraven in de tuin, in een put die ritueel moordenaar en slachtoffer samen hebben gedolven. Want inderdaad: de dood van het slachtoffer kwam op diens expliciete aanvraag, hij wilde op deze manier sterven.

Klinkt dat aannemelijk? Allicht niet, maar Yves Petry zoog het ziekelijke verhaal niet uit zijn duim. Het boek verwijst naar het voorval van “de kannibaal van Rotenburg” in 2001, een nieuwsitem dat Duitsland dagenlang in beroering hield. Er kwam plots een nieuwe golf van antihomocampagnes, terwijl het feit uiteraard volledig los staat van de geaardheid van beide gekken. Petry neemt dergelijke reacties dan ook met spottend genoegen waar, en heeft er de sappige roman De maagd Marino aan overgehouden.

Wat de auteur vooral interesseert, zijn de aanleiding en de gevolgen van de daad. Het feit zelf wordt op de eerste bladzijden kil beschreven, een noodzakelijk kwaad dat Petry niet erger maakt dan het op zich is. Het pleit voor de Brusselaar dat zijn roman niet vooral hierdoor zal bijblijven. Het is namelijk in de eerste plaats een katalysator voor de mediasatire die Petry erin zag, die stukken interessanter is dan de daad van het psychisch zwaar gestoorde duo.

Petry zou Petry echter niet zijn mocht De maagd Marino niet nog enkele verhaaltechnisch opvallende aspecten hebben. Bijzonder hier is dat de gestorven Bruno het woord neemt en het verhaal in geuren en kleuren vertelt, alsof hij nog leeft. Zo ontwikkelt Petry uit zijn mond het leven van Marino Mund die in de gevangenis verblijft na juridisch te zijn veroordeeld. Via het slachtoffer komt Petry overigens bij de dader terecht, wat een extra schok is voor de gemiddelde lezer. Van de ene gek komt men zo bij de volgende terecht, hetgeen Petry met zijn grote naturel extra angstaanjagend maakt.

Aanleiding en gevolgen worden door Petry overigens in de brede zin van het woord beschouwd, namelijk het hele leven van beide mannen omvattend. Er is echter ook ruimte voor humor, wat Petry deze keer bewijst met een treffende en grappige verwijzing naar Rik Torfs, een mediafiguur uit de academische wereld. Dat leverde een kleine mediahetze op, die nog steeds niet helemaal is gaan liggen. Toch is dat verre van de kern van het verhaal, het is louter een geestige zijsprong.

”Goed geschreven” hoeft men over Yves Petry’s boeken niet meer te zeggen, want dat zou een understatement zijn. De maagd Marino is in ieder geval één van zijn meer toegankelijke, transparante boeken, dat ondanks zijn exclusieve karakter toch een groot publiek zal aanspreken.

E-mailadres Afdrukken