Banner

Eva Gerlach

Het gedicht gebeurt nu (1979-2009)

Hildegart Maertens - 29 november 2010

Eva Gerlach, een pseudoniem voor Margaret Dijkstra, heeft zowat alle poëzieprijzen gewonnen, waaronder de prestigieuze P.C. Hooft-prijs in 2000. Hoewel ze zich aanvankelijk verzette tegen een bloemlezing midden in haar carrière, selecteerde ze nu zelf uit haar oeuvre, dat intussen een periode van dertig jaar beslaat.

In 1979 verscheen haar eerste bundel, onder het typisch romantische motto “Onderweg zijn en kijken”. De thema’s die haar werk kleuren, zijn door de jaren heen gelijk gebleven: Gerlach beschrijft haar indrukken van het dagelijkse leven en dat doet ze met een specifiek ritme en taalgebruik. Stijl is dus van het grootste belang, meer dan een filosofische inhoud. Om diepgravende ideeën of zware psychologie is het haar duidelijk niet te doen, wel zijn spontaniteit en naturel twee vaste pijlers.

In de eerste bundels wordt de lezer geconfronteerd met een strakke vorm en met zeer duidelijk gestructureerde verzen. Het logische patroon van twee keer vier versregels is in 1979 bijvoorbeeld duidelijk aanwezig. Later, bijvoorbeeld in Dochter uit 1984, breekt ze ietwat los uit het vaste patroon en durft ze voor drie maal vijf te gaan of omgekeerd. In Domicilie (1987) ontstaat dan de totale vrijheid, via bijvoorbeeld gewoon een keer acht regels, of het dubbele, of de helft.

De gedichten vormen op die manier een mooie evolutie, van het meer strikte keurslijf tot de vrije vorm. Vanaf 1988 krijgen Gerlachs verzen meer beweging en worden ze pittiger en vinniger, maar ze blijven onmiskenbaar gestructureerd. De aanspreekvorm hanteren is een van de vrijpostigheden die de schrijfster zich uiteindelijk permitteert, zodat de lezer nog meer geconfronteerd en betrokken wordt.

In Alles is werkelijk hier uit 1997 komt de lezer alweer een bijzonder fenomeen tegen, namelijk dat de gedichten geïllustreerd zijn door de Tsjech Vojta Dukat. Hij nam prachtige foto’s, een gegeven waar Gerlach zich ook al eerder op gebaseerd had. Haar man is namelijk amateur-fotograaf en het beeldende heeft deze auteur altijd mateloos gefascineerd. Daarom ook dat ‘beelden’ in Het gedicht gebeurt nu zo belangrijk blijken te zijn. Meer dan het etherische grijpt Gerlach naar het tastbare van alledag, en wat kan haar meer helpen op haar missie dan een haast filmische stijl? Het ongecompliceerde en tegelijk magische in haar pen is wat de lezer ook vandaag de dag nog aanspreekt. Zonder precies de vinger te kunnen leggen op het geniale aspect, voelt de poëzie van Gerlach onmiskenbaar belangrijk en ter zake doend aan. Dat is een belangrijk en een goed gevoel, dat doorheen deze ganse bloemlezing standhoudt.

Uiteindelijk is Gerlach vooral een dichteres die een kinderlijke verwondering koppelt aan een geheimzinnige verwoording van complexe gevoelens. Het aantal bijzondere gedichten in deze bloemlezing is dan ook uitermate groot, maar uit het prachtige Verplaatst komt bijvoorbeeld dit stukje: “Ik heb je gevonden je bent / moe van het worden gegooid je denk dat je dood bent / maar ik heb je gevonden ik doe je / in een zak aan een boom weeg ik je / ik kijk in je ogen je klauwen / / Met een boor boor ik een gat / in twee van je schubben ik doe er een zendertje aan / kan ik je altijd volgen”. Uitleggen wat hier precies zo mooi aan is, doet afbreuk aan de eenvoud en de ruimte die Gerlach in haar poëzie ademt. De no nonsense-beweging die Van Ostaijen lang geleden in gang zette, heeft in Gerlach een waardevolle telg.

E-mailadres Afdrukken