Banner

Monaldi & Sorti

Veritas

Jurgen Boel - 16 april 2007

In het onderwijs is geschiedenis al enige tijd geen noodzaak meer. Duffe feiten en droge jaartallen begeesteren slechts moeizaam. Het zoveelste verdrag dat een vrede inluidt, verlamt leergierige geesten. Wie kent de historische feiten nog?

Behoorlijk weinig mensen, af te meten aan het succes van bestsellerauteur Dan Brown en de vele derderangsschrijvers die in zijn kielzog met de geschiedenis een loopje nemen. Het schrijversduo Monaldi & Sorti kan gemakkelijk in de Dan Brown-hoek geduwd worden. Hun drie romans Imprimatur, Secretum en Veritas barsten immers van beschuldigingen en samenzweringen van sinistere machten.

Het duo weet zichzelf echter veel meer in de lijn van Umberto Eco te plaatsen. Niet alleen vertrekken ze steevast van historische feiten en te controleren gegevens; daarenboven verantwoorden ze de verschillende gebeurtenissen uitvoerig door te verwijzen naar het gebruikte bronnenmateriaal. In hoeverre deze samenzweringen werkelijkheid waren, blijft natuurlijk niet meer dan interpretatie.

Hoewel Veritas op zichzelf staat en ook zo gelezen kan worden, maakt het deel uit van een trilogie die startte met Imprimatur, en in Secretum een vervolg kreeg. In de drie verhalen staat immers de naamloze verteller centraal die verhaalt hoe hij in een periode van achtentwintig jaar driemaal op sleeptouw wordt genomen door de sluwe abt en spion Atto Melani, die in hem niet alleen een gewillig instrument ziet, maar ook de zoon die hij als castraat nooit kon hebben.

In Veritas wordt het pauselijke Rome ingeruild voor het keizerlijke Wenen, waar een Turkse delegatie op audiëntie gaat bij de vroegere vijand keizer Jozef I, bijgenaamd de Zegevierende. Een deel van het vasteland zucht nog steeds onder de Spaanse Successie-oorlog. In een poging de vrede te herstellen met Frankrijk, trekt Melani naar Wenen, maar dan worden zowel Jozef I als de Franse troonopvolger zwaar ziek en blijkt een derde partij aan de touwtjes te trekken.

Ondanks de vele exposés en historische accuratesse bezwijkt het boek nergens onder het aangedragen feitenmateriaal. De naïviteit en onwetendheid van de verteller vormen de gedroomde uitweg om verklaringen en achtergronden in het verhaal te smokkelen zonder een absurde deus ex machina in te moeten lassen. De vele uitweidingen halen bovendien nergens de vaart uit het verhaal, de passie en vurigheid waarmee de personages verhalen aanhalen, slepen de lezer mee doorheen een bezielde geschiedenisles.

Hoewel Monaldi & Sorti van bij de start gezegd hadden dat de reeks uit zeven boeken zou bestaan, sluit deze roman een trilogie af. Melani sterft op hoge leeftijd en de verteller trekt zich uit de wereld terug. Beiden hebben door scha en schande begrepen dat in het nieuwe tijdperk voor hen geen plaats meer is. Het boek besluit met de belofte van de ik-persoon om het levensverhaal van Atto neer te schrijven, waarmee meteen een stukje van de sluier opgelicht wordt: de volgende verhalen zullen zich afspelen lang voor de verteller en Atto elkaar ontmoeten.

Monaldi & Sorti kunnen dankbaar gebruik maken van de hernieuwde belangstelling die bestaat voor historische romans, waarbij intrige en verraad op het hoogste niveau centraal staan. Maar in tegenstelling tot veel van hun collega’s moeten zij met de historische feiten geen loopje nemen om hun verhaal hard te maken. Of de getrokken conclusies correct zijn, moet de lezer beoordelen. Veritas is in de eerste plaats een knappe roman geworden, die zich met een rotvaart laat lezen zonder de feiten geweld te moeten aandoen.

E-mailadres Afdrukken