Banner

Yves Petry

Liefde bij wijze van spreken

7.5
Jurgen Boel  - foto's: Stephan Vanfleteren - 19 juni 2015

Met het in 2010 verschenen De maagd Marino wist Yves Petry de critici voorgoed het zwijgen op te leggen. De roman, die zich rond een bizar moord-op-verzoekgebeuren baseerde, wist vakkundig het vreemde uitgangspunt om te vormen tot een intrigerend verhaal en verzekerde Petry zelfs van de Libris-Literatuurprijs in 2011. De lovende recensies voor Liefde bij wijze van spreken laten vermoeden dat Petry ook met dit boek wel eens in de prijzen zou kunnen vallen.

Ditmaal staat een ongewone driehoeksrelatie tussen de schrijver Alex Jespers en het broer-zuspaar Jasper en Kristien Fielinckx centraal, een relatie die start kort nadat broer en zus beide ouders verliezen in een verkeersongeval. Toch is het nog maar de vraag of de dood van de ouders op zich de verwrongen relatie en denkwijze van in het bijzonder de kinderen Fielinckx hebben gevormd. Van bij de start, die zich kort voor het ongeval afspeelt, wordt immers duidelijk dat Jasper en Kristien niet alleen een moeizame verstandhouding hebben maar ook dat Jasper, weliswaar niet zo verbazingwekkend voor een puber, een ongelooflijk arrogante en verheven houding aanneemt die bij iedereen ergernis opwekt.

Tijdens de universiteitsjaren zoeken beide kinderen onafhankelijk van elkaar geregeld Jespers gezelschap op: Jasper wil koste wat kost naar bed gaan met de homoseksuele Jesper sterwijl Kristien, die de ene liefdeloze relatie na de andere heeft, bij Jesper een verwantschap zoekt en haar moeizame relatie met haar broer met hem bespreken wil. Gaandeweg verliest hij echter het contact met beide Fielinckx, niet in het minst omdat een “cassant” karakter broer en zus aangeboren lijken, zij het dat beiden het op een andere manier uiten. Min of meer bevrijd van zijn “kwelgeesten” bouwt Jespers gestaag aan zijn schrijverscarrière al breekt hij pas echt door wanneer zijn vriend en uitgever hem ervan overtuigt niet langer zijn eigen leven als uitgangspunt te nemen.

Wanneer Jespers volgende werk minder succesvol blijkt te zijn, besluit hij zijn wedervaren met de familie Fielinckx neer te schrijven, in het bijzonder daar beiden langzaam maar zeker zijn bestaan opnieuw binnengeslopen waren en ditmaal met verstrekkende gevolgen. De roman zelf, zo wordt duidelijk, is eigenlijk de roman in opbouw van Jespers rond het gezin Fielinckx en de relatie die ze tot elkaar hadden. Het is een klassieke truc die Petry met verve uitvoert, zij het dat tezelfdertijd de vraag gesteld mag worden in hoeverre Jespers werkelijk inzage kon hebben in de gedachten van Jasper en of Jespers dan wel Petry zelf hier aan het woord is. De manier waarop Jaspers gedachten beschreven worden, laten het eerste vermoeden wat meteen een kleine smet op het boek werpt.

Rekening houdend met de vele positieve kritieken die het werk ontvangt, is het echter maar de vraag of er veel lezers zijn die zich hier aan zullen storen. Per slot van rekening is Petry een begenadigd verteller die zijn lezer meesleurt in de destructieve driehoeksverhouding van zijn protagonisten. De hoerastemming die het boek begeleidt is dan ook allesbehalve onterecht, want net als in zijn vorige roman weet Petry zijn stilistisch maniërisme ondergeschikt te houden aan het verhaal en wekken zijn onsympathieke personages evenmin het soort wrevel op dat bijvoorbeeld De achterblijver tezelfdertijd zijn vloek en zegen gaf.

Alle positieve geluiden ten spijt, kan de enkele dissonante tegenstem echter niet genegeerd worden (zelfs al bezorgt het Petry op zijn site enkele zure oprispingen) want een allemansschrijver is hij nog steeds niet en wie niet van de schrijvers manier van vertellen houdt, zal ook ditmaal finaal afhaken op de manier waarop Petry zijn roman tot een einde brengt. Hoewel de epiloog nog een laatste inkijk biedt in de ontwikkelingen, verliest Petry zich finaal in enkele zwak aandoende poëtische bespiegelingen die alvast zijn personage Jasper de haren ten berge zouden doen rijzen en zijn kritiek op de schrijver Jespers ten volle rechtvaardigen. Of Petry die postmoderne metalezing bedoeld heeft, blijft koffiedik kijken maar wie de laatste alinea’s laat voor wat ze zijn, zal niet kunnen ontkennen dat Petry steeds dichter bij zijn meesterwerk komt.

E-mailadres Afdrukken