Banner

Valeria Luiselli

De gewichtlozen

9.0
Hildegart Maertens - foto's: Alfredo Pelcastre - 17 april 2015

Ze zat heus niet met valse papieren in New York toen ze Valse papieren schreef, een essaybundel met prachtige mijmeringen over tijd, identiteit, de waarde van literatuur en andere essentialia. De gewichtlozen is een minstens even indrukwekkende opvolger.

Het was Cees Nooteboom die in zijn voorwoord bij Valeria Luiselli’s eerste publicatie in het Nederlands schreef dat haar vertelkunst “betoverend” was. Daarmee zette hij een woord op papier dat ook nu, bij het lezen van haar tweede boek, voortdurend in de lezer opkomt. Net als in haar essays ontpopt de Mexicaanse zich met De gewichtlozen tot een hoogst onconventionele literaire stem. Haar eerste roman heeft immers niets geconstrueerd; het lijkt namelijk alsof de plot en de ideeën in improvisatoire schrijfsessies zijn ontstaan, alsof Luiselli zonder overkoepelend voorafgaand plan aan het schrijven is gegaan en haar schrijftafel met een formidabele, uiterst nauwkeurig samenhangende tekst heeft verlaten. De precieze methodiek die Luiselli heeft toegepast, zal allicht nooit aan het licht komen. Of staat het er, gewoon, keurig in regels gedrukt? De Mexicaanse voert zichzelf immers op in De gewichtlozen, althans er is sprake van een vrouw die verdacht veel gemeen heeft met de rokende dame die op de achterflap staat afgebeeld. Elders laat Luiselli zich dan weer ontvallen: ”Alles is fictie.” Maar hoe kan alles fictie zijn als er zoveel werkelijkheid in het boek zit? Nu, de vraag naar waarheid of leugen is op zich niet bijster interessant. Wel interessant is nadenken over de vraag waarin de grote kracht van Luiselli’s romankunst uitgaat. Haar flarden, die soms slechts enkele woorden beslaan – ergens in de verte doen ze aan de gekscherende intensiteit van iemand als Lydia Davis denken, een figuur die eveneens aan een half woord genoeg heeft om een drievoudige betekenis op te roepen – construeren samen een geheimzinnig web, dat fundamenteel in de richting wijst van de onkenbaarheid van literatuur. In een roman is het toegestaan dat feit en fictie elkaar opheffen, dat de fictie de werkelijkheid mogelijk maakt, en dat de werkelijkheid het materiaal is van de fictie. Net die evenwichtsoefening, ergens in het droomlandschap tussen waarheid en mythe in, speelt De gewichtlozen zich af. Diep onder de grond, in de metro van de grootstad. En tegelijk: op ijle hoogte, op een niveau waar weinigen bij kunnen.

Feit is dat Luiselli een ongelofelijke bagage heeft als schrijfster. Ze heeft ontzettend veel gelezen en kent haar klassiekers, wat haar toelaat om er een behendig spel mee te spelen. Voor de belezen liefhebber is De gewichtlozen een boek om in te grasduinen en de referaten een voor een op te diepen. Wie zich van de traditie weinig aantrekt en een boek wil lezen dat zich in het hier en het nu afspeelt, is tevens aan het goede adres. Luiselli suggereert bovendien dat literatuur nooit veroudert. Het personage, dat veel weg heeft van de schrijfster zelf, zet immers een onderzoek op naar een collega uit een vorig tijdperk, met name de eveneens Mexicaanse dichter Gilberto Owen – een bezigheid die haar zodanig in vervoering brengt, dat haar onderwerp zelf het woord neemt. ”Alles is fictie”, jazeker. Maar ook: literatuur is altijd literatuur uit het heden, omdat ze in het heden wordt gelezen. Behalve het aandoenlijke portret van een vrouw die zich verliest – in haar eigen eenzaamheid en in de eenzaamheid van haar onderwerp – is De gewichtlozen ook een boek over hoe moeilijk het is te weten om te leven, en te schrijven over dat o zo moeilijke leven. Want, wie weet dat eigenlijk? Maar ook: wie wil dat? Is het net niet de gewichtloosheid van het personage, dat geleidelijk aan in een ander personage transformeert, dat de ware bevrijding van de lezer weerspiegelt – voor even niet meer “ik” zijn, maar het personage uit het boek?

Nee, de gordiaanse knoop die deze roman moet ontwarren, zal voor niemand een sinecure zijn. Maar dat hoeft ook niet. Net als in Ingmar Bergmans Persona, om even een parallel met de filmwereld te trekken, is niet dit opheffen van de identiteit van het personage de sleutel tot de hoogst ontroerende en tegelijk mystieke ervaring, maar wel het hele proces van “wording”. Het karakter (misschien Luiselli zelf?) voelen uiteen vallen, voelen hoe ze zichzelf gewichtloos maakt en opgaat in iemand anders, in de geschiedenis van de literatuur, in de lucht rondom een bruisend New York: daarin gaat de grote verwondering schuil die dit boek teweeg brengt. Of, om dan toch hoogdravende termen boven te halen: was Valse papieren een buitengewoon boek, dan is De gewichtlozen niets minder dan excellent. Een zwaargewicht in de categorie hedendaagse avant-garde.

E-mailadres Afdrukken