Banner

Mirjam Rotenstreich

Verloren mensen

4.0
Hildegart Maertens - 22 mei 2014

Je pakt het boek vast, draait het om en denkt: “Dit gaat over ons, over mij”. Want zijn we niet allemaal verloren mensen, in meerdere of in mindere mate? Voor Mirjam Rotenstreich was er een concrete aanleiding om zich verdwaald te voelen op een der onvoorspelbare kronkelwegjes des levens: ze verloor haar zoon Tonio. Haar man A.F.Th van der Heijden zette zijn rouwproces om in een meesterwerk van een boek, zijn echtgenote gooide het over een andere boeg. Een met thrillerallures. En een niet bepaald bijzondere plot, dat ook.

alt

Zoals A.F.Th van der Heijdens Tonio kunnen er geen twee boeken zijn. Dat hartverscheurende relaas is immers zo persoonlijk en zo doorwrocht, dat het voor de lezer bijna pijn doet om de bladzijden om te draaien. De auteur heeft zijn lijden in een roman gestalte gegeven; wat nooit van de veel te vroeg heen gegane Tonio is kunnen worden – de schoonheid, de verwondering, de ontroering die een man (in wording) bij zijn trotse ouders kan opwekken – staat in het boek. Geen artistiek product, hoe fenomenaal ook, kan zich meten met de waarde van een leven. Toch kan men proberen om een verlies zodanig aan te wenden, dat het via de kunst een plaats krijgt bij de schepper. Tonio moest worden losgelaten om tot Tonio te kunnen komen. En tegelijk moest de vader de zoon volledig internaliseren om er op zo’n breekbare wijze afstand van te kunnen nemen. Dat menselijke proces, dat zich quasi onafhankelijk van het rouwproces en van het literaire proces dient te voltrekken, verleent Tonio dan weer zijn universele karakter. In van der Heijdens streven, in zijn intiemste gedachten en gevoelens, maakt de mens zelf zich kenbaar: een broos en kwetsbaar wezen, een dat offers zou willen maken voor wat hem dierbaar is. Men kan het echter niet op een ruil gooien: wat uit het leven wordt gerukt, keert nimmer weer. Dat complexe ding dat de ziel is, kan zich echter ook post mortem als bezieling manifesteren, als de overgave van een vader die de eerste honderd bladzijden van zijn roman met tranen vult en de overige pagina’s met woorden die van een plek komen waar nog maar weinig anderen zijn geweest. De plek waar men via de ander zichzelf tegenkomt. Die spiegel waarin het pijnlijk kijken is…

Genoeg over Tonio. Op de achterflap van Rotenstreichs Verloren mensen wordt de lezer echter de impliciete belofte gedaan dat dit háár Tonio is, het boek dat háár overeind hield in die donkere dagen waarop de zoon in al zijn afwezigheid voelbaar werd. Ieder zijn methode om met groot verdriet om te gaan natuurlijk: waar het de inhoudelijke keuze voor een thrillerachtig boek zonder grote literaire aspiraties betreft, is kritiek niet op zijn plaats. Wel kunnen er vraagtekens geplaatst worden bij hoe Rotenstreich met het genre omgaat. Bovenal heeft ze waarschijnlijk een licht verteerbaar boek willen schrijven, een dat vanuit herkenbare karakters en net niet stereotiepe situaties erg aan het echte leven moest doen denken. Toch doet Verloren mensen dat op geen enkel moment, en wel omdat Rotenstreich bijna zonder uitzondering voor het minst interessante scenario kiest. Ze introduceert karakters waarin de lezer – hoe hard deze ook probeert – zich gewoon niet kan vinden, ze bouwt een plot op waarvan de basale parameters niet tot de verbeelding spreken, ze hanteert taal omdat het moet, niet omdat woorden het substraat zijn waarmee gevoel (van welke aard dan ook) kan worden uitgedrukt. Dus ontspint zich een verhaal omdat Verloren mensen nu eenmaal een boek is waarin een verhaal moet worden ontsponnen. Met andere woorden: de lezer leest alsof het om een krantenartikel gaat waarvan de titel aanspreekt maar de inhoud eigenlijk niet meteen intrigeert. Niets erg aan, behalve dat het krantenartikel in dit geval bijna driehonderd bladzijden duurt.

Ja, je voelt je een verloren mens eenmaal je dit boek terzijde leg. Als dit bijna kitscherige verhaal een lichtpunt heeft betekend in de dagen dat de schrijfster zich zat af te vragen of ze ooit terug gelukkig zou kunnen zijn: zoveel te beter. Heeft Verloren mensen voor de auteur betekenis gehad, dan hoeft niemand zich nog vragen te stellen bij het waarom van dit verhaal. Daarentegen mag lezend België en Nederland gewaarschuwd zijn: behalve wie verlekkerd is op soaps van de meest onwaarschijnlijke orde, zullen weinigen hiermee aan hun trekken komen. In een wereld waarin zoveel moois op papier werd gezet, is Verloren mensen een soapachtige escapade, een te vergeven zonde van een schrijfster die allicht veel meer in haar mars heeft.

E-mailadres Afdrukken