Banner

Ivo Victoria

Dieven Van Vuur

7.5
Matthieu Van Steenkiste - 08 mei 2014

Dat we allemaal oud worden, en dat daar geen manoeuvreren rond is. Dat gevoel hou je over aan Dieven Van Vuur, Ivo Victoria's derde roman die het bruisende Antwerpen van de jaren negentig canoniseert en mythologiseert zoals de soixant-huitards hun Parijs of Leuven in steen beitelden. Het is een verhaal over het vuur van een zich onkwetsbaar wanende jeugd, maar gelukkig zoveel meer.

De Antwerpse Scene. Herinner u die tijd, en gniffel gerust. Dat doet Victoria namelijk ook. dEUS was ontploft, en in de cafés en clubs rond het Antwerpse Zuid waren Tom Barman en kompanen godenzonen Zij waren "coole gasten die altijd in slow motion bewegen", om wie steevast een hele inner circle rondhing waarin de hiërarchie werd bepaald door wie 'Tommy', 'Thomas' of 'Tommeke' mocht zeggen. Victoria -- zelf in die tijd muzikaal actief met een nog onmogelijker genaamde band nANcy* -- beschrijft het grijnslachend, met de nodige spot, maar niet ongenadig.

Dit mag dan geen autobiografie zijn, de sfeer is uit zijn herinneringen geput en die zijn liefdevol. Dieven Van Vuur gaat over die gouden jaren, zo ongeveer vanaf het moment dat je wel weet hoe dat studeren in de grote stad gaat tot het moment dat je gelooft dat je de ene ware hebt gevonden en je met haar terugtrekt, een paar wijken verder naar het hippe, maar meer bezadigde Zurenborg, bijvoorbeeld. Individualiteit uit zich altijd slechts toevallig in simultane bewegingen.

Het is de leeftijd waarop het merg van het leven met volle teugen wordt opgezogen; dat iedereen onoverwinnelijk is, elk meisje een potentiële volgende verovering. Ongebonden, fluïde jaren waarin de wereld nog een oceaan van mogelijkheden is, elke job tijdelijk is tot die droombetrekking zich eindelijk aandient of je toch een rockster wordt. Of een gevierd radio-dj. De stoutmoedige diefte van een collectie jazzplaten en een mapje brieven leidt ons uiteindelijk naar het echte verhaal, dat van Claude Davids een even overmoedige twintiger die begin jaren tachtig een illegale vrije radio opstart. De auteur trekt de parallellen soms opzichtig; veel is er niet veranderd, buiten een ander begrip van wat hip of 'in' is; het vuur brandde altijd al even hevig, ook vijftien jaar eerder.

Uiteindelijk cirkelt het verhaal van Victoria rond de briefwisseling van ene Josée De Cuyper met Davids. Op basis van haar kladversies probeert hij, gezeten in haar tot hotelkamer omgebouwd appartement, het verhaal te reconstrueren, al beseft hij dat het een ijdele poging is. "Er is geen plot. (...) Ik vertel dit alles alleen maar omdat ik erin heb geloofd, in het patroon, in die nachten die al die jaren in mijn hoofd zijn rond blijven spoken, als plagerige kinderen die zich verstopten en weer opdoken."

Bijzonder is hoe Victoria zich de stem van die vrouw, van oorsprong Franstalig, eigen maakt. Ze hapert, is oud, maar in haar taal weet hij zo ook haar persoon te schetsen. Kwetsbaar: haar onoverwinnelijke fase is jammerlijk afgelopen, wat overblijft is de rest van haar leven en een leegte die ze invult met radio en een balkon vol planten. Ze vormt een eenzame, trieste pendant voor alle levenslust.

Victoria vertelt alles in prachtig en beeldend proza dat danst op het ritme van de popmuziek en de jazz waarover hij schrijft. Zijn observaties zijn scherp en amusant; "Ik kan mij niet herinneren sinds wanneer precies de mannen in Antwerpen elkaar kussen ter begroeting, maar ik weet wel zeker dat ik een tijd heb gekend dat ze dat niet deden." Dat hij en passant zonder bronvermelding "Youth" van Daughter nogal letterlijk citeert; we vergeven het hem graag (al blijft het gek, gezien zijn uitgebreide verantwoording van andere citaten achteraan).

Dieven Van Vuur is geen bildungsroman, maar een warme terugblik; de toon van melancholie, lichte spijt en de berusting die daarbij hoort. Je twenties gaan voorbij, het echte leven zuigt je langzamerhand binnen, en plots sta je ergens waar je nooit aan hebt gedacht terwijl je druk bezig was plannen te maken aan de toog van Bar Tabac. En dat is niet erg; het is gewoon wat nu eenmaal gebeurt. Ivo Victoria mag dan langzamerhand richting midlife crisis opschuiven, zijn jeugd -- elke jeugd -- kon geen beter eresaluut krijgen.

E-mailadres Afdrukken