Banner

Aischylos

Het verhaal van Orestes

7.0
Andreas Delanoye - 06 december 2012

De drie-eenheid is compleet. Na de Perpetua-delen rond Sofokles en Euripides, ligt met Het verhaal van Orestes de bakermat van de tragedie op tafel. Opnieuw tekent Gerard Koolschijn voor een uitstekende vertaling die de tekst van Aischylos nog aan betekenis doet winnen.

De uitgeverij Athenaeum–Pollak & Van Gennep levert, zeker als het op boeken uit of over de Oudheid aankomt, al jarenlang referentie-uitgaves af. Ze kan dan ook beroepen op de beste vertalers, waaronder Gerard Koolschijn. Vooral dankzij zijn fenomenale vertalingen van Plato’s teksten, waaronder De ideale staat, is hij niet meer weg te denken voor wie interesse heeft voor de antieke periode. Het grotere publiek zal hem echter sneller tegenkomen in werk van de drie grote Griekse tragedieschrijvers Aischylos, Sofokles en Euripides. Van deze laatste twee verschenen respectievelijk Oidipous & Antigone en Medea & Bakchanten in de Perpetua-reeks, beide in Koolschijns vertaling. En nu is de cirkel dus rond, met zijn nieuwe vertaling van Aischylos’ bekende trilogietragedie Oresteia onder de titel Het verhaal van Orestes.

Koolschijns Oresteia verscheen reeds in een eerdere editie in 1995, toentertijd op bijna hetzelfde moment als de vertaling van Marietje d’Hane-Scheltema. En alsof dat nog niet genoeg was, werd naar aanleiding van een theaterproductie van Johan Simons een aantal jaar geleden nog een derde vertaling gepubliceerd door Herman Altena. Deze vertalersbelangstelling komt er niet zomaar: naast lacunes in de overlevering, bestaan er ook veel duistere passages, waarin het gissen is naar betekenis. Uiteraard springt elke vertaler hier anders mee om. Vertalingsmoeilijkheden trekken dus vertalers aan, maar dan hebben we uiteraard nog niet gesproken over de inhoudelijke en vormelijke finesses van Aischylos’ werk. Van de genoemde drie tragedieschrijvers is Aischylos de oudste. Hij wordt soms de grondlegger van het moderne theater genoemd. In tegenstelling tot bijvoorbeeld Euripides’ Medea of Sofokles’ Antigone vergt het lezen van Aischylos meer moeite. Er zijn de vernoemde hermetische stukken, de taal zelf is wat minder spreekbaar en er is uiteraard de afwisseling van gesproken tekst en recitatieven. Hoe dan ook lijkt er met de tekst van Gerard Koolschijn opnieuw een barrière in toegankelijkheid genomen. De verhelderende duiding, alsook het handig namenregister zijn hierbij evenmin onbelangrijk.

De achterliggende inhoud van de Oresteia kent iedereen. Verschillende tragedieschrijvers in de Oudheid hebben de stof gebruikt in hun stukken, tot lering van het publiek. Want vaak gaan deze tragedies over het overtreden van oerwetten, met als gevolg een vloek die op een geslacht rust. Hebben we het over kindermoord en bloedwraak, dan zien we in het eerste deel van de trilogie hoe Agamemnon die zijn dochter offerde, door zijn vrouw Klytaimnestra wordt gewroken. Op zijn beurt zal haar zoon Orestes in het tweede deel zijn vader wreken in opdracht van de god Apollo. Het derde deel is de meest enigmatische. Hierin wordt Orestes achtervolgd door de Furiën, de wraakgeesten van zijn moeder, tot hij wordt vrijgesproken door de Areopaag, een nieuw ingestelde rechtbank. De Oresteia gaat dus ook over politiek en samenleving, over democratie en vergiffenis.

Het hoeft daarom niet te verbazen dat de Oresteia nog op de planken komt. De wetten van de tragedie blijven aanspreken en altijd is er die diepmenselijke laag waar regisseurs mee aan de slag zullen blijven gaan. In hun boekenkast zullen Gerard Koolschijns drie Perpetua-delen van Aischylos over Sofokles tot Euripides alvast niet ontbreken. Doch, in het beste geval wordt deze basis van ons literair erfgoed door mooie uitgaven en verdienstelijke vertalingen, zoals we die nu in handen hebben, nog meer gemeengoed.

E-mailadres Afdrukken