Banner

Hans Achterhuis

Zonder vrienden geen filosofie

6.0
Jurgen Boel - 27 juni 2012

Wat Etienne Vermeersch en Jaap Kruithof voor de Vlaamse filosofie de voorbije halve eeuw waren, is Hans Achterhuis op zijn eentje geweest voor Nederland. Als zowat de bekendste filosoof boven de moerdijk met een onderbouwde mening over zowat alle maatschappelijke thema’s was en is hij een belangrijke stem in het publieke debat.

alt

Naam maakte de toen nog jonge Achterhuis (°1942) in 1981 met De markt van welzijn en geluk. waarin hij de welzijn- en zorgsector onder de loep nam en wees op hoe (onbewust) ook een afhankelijkheidsrelatie gecreëerd werd. In de daaropvolgende jaren zou Achterhuis opnieuw in de belangstelling komen met werken over schaarste ( Het rijk van de schaarste: Van Thomas Hobbes tot Michel Foucault) en utopieën (gaande van ecologie tot neoliberalisme). De belangrijkste filosofen die hun stempel drukten op Achterhuis waren Albert Camus (op wie hij doctoreerde), Michel Foucault, Ivan Illich en Hannah Arendt. Dat voornoemde filosofen prominent in beeld komen inZonder vrienden geen filosofie mag dan ook niet verbazen.

Uiteraard zijn het niet de enige denkers die Achterhuis gevormd hebben, net zozeer zijn er filosofen geweest waar Achterhuis zich tegen afzette en die zo mee zijn denken bepaald hebben. In zijn “filosofische biografie” haalt hij deze net zo goed aan terwijl hij zijn carrière overloopt. Laat hiermee meteen ook duidelijk gemaakt zijn dat Zonder vrienden geen filosofie een veeleer persoonlijke terugblik is, eerder dan een academisch reflecteren op het eigen denken en carrière. Achterhuis schuwt de verwijzingen naar filosofen net zo min als de citaten niet maar hij blijft in zijn “memoires” relatief op de vlakte en dat is een gemis.

Een van de belangrijkste kwaliteiten van Achterhuis is immers dat hij de ideeën van verschillende filosofen kernachtig weet samen te vatten en daar een eigen reflectie aan toe te voegen. Zijn boeken durven weliswaar geregeld uit te groeien tot indrukwekkende kleppers, inhoudelijk valt er weinig op af te dingen. Helaas is daar (zoals gesteld) in deze terugblik veel minder sprake van en lijken de aangehaalde auteurs vooral een anekdotische rol te vervullen. Zelfs de eigen werken blijven een tweederangsrol vervullen binnen het verhaal terwijl ze toch in belangrijke mate deel uitmaken van Achterhuis’ leven en carrière. Dat het boek oorspronkelijk als afscheidsrede naar aanleiding van Achterhuis’ emiritaat geschreven werd, zal hier niet vreemd aan zijn, maar kan niet als verontschuldiging gelden.

Zonder vrienden geen filosofie blijft te veel een tussendoortje om echt aanspraak op lezers te maken. Dat Achterhuis het voor zijn lezing bescheiden hield, is niet meer dan logisch maar daar hij de tekst onder handen nam voor publicatie, had een verdere uitwerking van een aantal ideeën een meerwaarde kunnen opleveren die nu ontbreekt. Wie een snelle samenvatting van de denker Achterhuis wenst, zal in dit werkje zeker de essentie van zijn denken terugvinden, al blijft de beste introductie nog steeds een selectie uit zijn werk . Per slot van rekening heeft hij nergens beter zijn visies uiteengezet dan in die werken die ook nu nog de moeite van het lezen waard zijn.

E-mailadres Afdrukken