Banner

Arnout Weeda

Het mysterie van Wenen

Andreas Delanoye - 17 februari 2012

Het fin de siècle-Wenen blijft veel cultuurliefhebbers boeien. In Het mysterie van Wenen biedt Arnout Weeda de lezer een overzichtelijk en genuanceerd beeld van wat er aan impulsen samenkwam. Bovendien, en meer ambitieus, probeert hij de onverklaarbare geest van dit tijdsbestek aanschouwelijk te maken. Een goed te lezen en toch diepgaand boek.

In den beginne is er de muziek: Gustav Mahler verlaat Wenen in 1907 na enkele persoonlijke tragedies. Een dochter sterft, hij wordt gediagnosticeerd met een ernstige hartkwaal en wordt het slachtoffer van een anti-semitische haatcampagne als chef van de Staatsoper. In Mahlers symfonieën hoort Weeda het mysterie verklankt, waarover sprake in de titel. Met deze verklanking raakt Mahler aan het verlangen naar zelfoverstijging, wat de ethische imperatief zou geweest zijn voor de kunstenaars toentertijd: zoals in de filosofie van Kierkegaard worden ze als individu gedwongen in zichzelf te kijken en daaruit vloeit de unieke taal van hun kunst voort. Als Wittgenstein het in zijn Tractatus logico-philosophicus heeft over “hetgeen waarover men niet kan spreken…” dan laat ook hij tussen de regels ruimte voor deze ethische zoektocht naar het mystieke. Dit gegeven wordt als vertrekpunt genomen voor een interessante reis doorheen kunsttakken en grote artistieke persoonlijkheden uit het Wenen van het fin de siècle.

Niet alleen componisten als Mahler en Schönberg, maar ook schrijvers als Schnitzler, Hoffmannsthal, Kraus en Musil en schilders als Klimt, Schiele en Kokoschka komen aan bod. Naast de kunsten zijn ook de filosofie (Wittgenstein), de wetenschap (Freud), de architectuur (Loos) en de economie (Schumpeter) vertegenwoordigd. Als het spectrum zo compleet is en de invloed zo verstrekkend, kan werkelijk van een ongewoon cultureel hoogtepunt worden gesproken, geconcentreerd in plaats en tijd. Arnout Weeda heeft ervoor gekozen de genoemde namen als hoofdrolspelers uit te lichten en de anderen meer langs de zijlijn te plaatsen. Voor een belangrijk deel gaat hij hierbij biografisch te werk, waardoor je een schat aan informatie rijker wordt. Ook andere feitelijkheden zoals het belang van het fenomeen koffiehuis voor de cultuur, de rol en invloed van de joden of meer algemeen het breder historisch kaderen door figuren als Hitler of Trotski op te voeren, worden vaardig beschreven.

Achter deze oppervlaktelaag schuilt echter ook de meer ambitieuze zoektocht naar de dieptestructuur achter het genie dat zoveel persoonlijkheden bezield heeft. De ondertitel van het boek luidt De creatieve zelfvernietiging van een vermolmd keizerrijk, maar een verklaring in het zich afzetten tegenover de tanende keizerlijke macht is te beperkt. Daarom gaat Weeda verder en puurt een essentie uit de ethiek en zin voor metafysica van zijn personages. Ook al kan niet alles even historisch gevalideerd worden, toch is een dergelijk psycho-filosofisch inzichtelijk lezen vaak boeiender dan louter de feiten. Met zijn boek Het mysterie van Wenen heeft de voormalige directeur van het Zuiderzeemuseum in Enkhuizen, maar ook econoom en journalist Arnout Weeda een prikkelend boek geschreven, dat voor de Nederlandse lezer van nu alleszins het beste overzichtswerk voor handen is.

E-mailadres Afdrukken