Banner

Harry Potter en de werkelijkheid

Dennis Van Dessel - 13 juli 2011




Alright, dus u hebt de vorige films nog eens bekeken, de boeken herlezen en - dat is het voornaamste - onze vorige recensies nog eens gecheckt. U bent er klaar voor. Normaal gezien maken we er een punt van op enola om de grote franchises en hypes met de nodige scepsis te bekijken. Nog 'Transformers', iemand? Maar hier hebben we iets speciaals: een filmserie die al tien jaar meegaat, enkel in populariteit lijkt toe te nemen met elke volgende aflevering en al werd gebruikt als politieke en sociale toetssteen. Er werden thesissen en doctoraatsverhandelingen geschreven over 'Harry Potter' - het personage heeft een plek in ons collectief bewustzijn veroverd die niet te onderschatten valt. Dus oké, laten we er nog een beetje extra inkt aan verspillen, vooraleer we er definitief het zwijgen toedoen en ons weer concentreren op de arty farty stuff die ons zo goed ligt. Laten we even naar de werkelijkheid kijken achter de verhalen.

Harry Potter and the Author of Ordinariness

Minstens even bekend als het verhaal van de tovenaarsleerling met een brilletje, is dat van de schrijfster die verantwoordelijk is voor de hele hetze: Joanne Kathleen 'JK' Rowling, een vrouw die een rags to riches-verhaal beleefde dat zich kan meten met eender welke Hollywoodfilm. Begin jaren negentig woonde Rowling in Edinburgh; een gescheiden vrouw met een kind, die moest overleven van een uitkering en ondertussen stilletjes schreef aan het kinderboek waarvoor ze het idee enkele jaren eerder had gekregen tijdens een treinrit tussen Manchester en Londen. Op een bepaald moment leek haar financiële situatie zo wanhopig dat ze zelfmoord overwoog. Het manuscript van 'Harry Potter and the Philosopher's Stone' werd afgewezen door 12 uitgeverijen, en uiteindelijk gepubliceerd door Bloomsbury Books in 1996. De rest is geschiedenis. Enkele jaren later was Rowling een multimiljonair.

Een verhaal dat minstens gedeeltelijk verantwoordelijk is voor haar aanzienlijke populariteit als persoon. Ongeacht haar status en haar vermogen, blijft de schrijfster op een geloofwaardige manier zichzelf profileren als down to earth; een "gewone" dame die zich enigszins op haar ongemak voelt wanneer ze moet opdraven op formele gelegenheden, die de filmpremières en onophoudelijke media-aandacht nooit echt gewend is geraakt en zich nog altijd verwondert dat mensen zoveel drukte maken om haar en haar creaties. Bij andere celebrities komt dergelijke (al dan niet geveinsde) bescheidenheid geforceerd over, als een bewuste poging om "normaal" en sympathiek te lijken. Bij Rowling is het maar al te makkelijk om het te geloven.

In eerste instantie zijn de 'Harry Potter'-boeken natuurlijk kinderlectuur, en je moet altijd oppassen om interpretaties te ver te gaan zoeken. Maar het is wel duidelijk dat de reeks tussen neus en lippen voortdurend commentaar geeft op het Engeland van Tony Blair, met een mix van nostalgie naar de conservatieve tijden en waarden van vroeger (kostscholen, kinderen die hun informatie uit boeken halen in plaats van de computer) en sociaal liberalisme (Rowlings verklaring dat Dumbledore homoseksueel is, de nadrukkelijke manier waarop Harry's eerste vriendinnetje, Cho, een Aziatisch meisje is, en uiteraard de centrale plotlijn rond Voldemort, die een etnische zuivering wil uitvoeren onder de tovenaars). Rechts noch links kon Harry Potter volledig voor zichzelf opeisen, waardoor de boeken van beide kanten zowel lof als kritiek kregen.

Harry Potter and the Political Hogwash

Hoewel links in het voordeel is. Ja, de 'Harry Potter'-verhalen spelen zich af in een ouderwetse kostschool die inspeelt op onze vage collectieve nostalgie naar het Victoriaanse tijdperk: ze roepen de romantiek op van grote zalen die verlicht worden met kaarslicht, oude boeken met lederen omslagen, perkamenten waar je met een veer op dient te schrijven en ga zo maar door. Veel van dat alles is louter aankleding, ontworpen om een Dickensiaanse sfeer mee te geven aan de verhalen, maar als je sommige critici moet geloven, is het ook een openlijk terugverlangen naar een tijd voor computers, videogames en zelfs televisie. Die dingen zijn volstrekt afwezig uit de magische wereld - ze worden alleen vermeld tijdens de openingshoofdstukken, waarin Harry's stupide, agressieve neef Dudley wordt omschreven als een compulsieve gamer en computerfanaat, om te illustreren hoe dom hij wel is. In Hogwarts is er misschien magie, maar er is niet eens elektriciteit, laat staan internet. (Het is een interessant terzijde dat Rowling zelf de ruwe versies van haar boeken manueel schrijft; pas daarna worden ze uitgetypt.) Minder decoratief is het feit dat kinderen in verschillende "huizen" worden ondergebracht en expliciet met elkaar in competitie worden gebracht - de huizen kunnen punten verdienen of verliezen naargelang hun gedrag, een concept dat vooral in het eerste boek (en de eerste film) aan bod komt. In het liberale Engeland van Tony Blair - wiens eigen kinderen op zijn minst gedeeltelijk bij wijze van statement niét naar een kostschool werden gestuurd - werd zoiets niet gezien als een schadeloze poging om sfeer te creëren, maar als een vorm van verraad aan een Engeland waarin alle kinderen, ten lange leste, gelijk aan elkaar hoorden te zijn.

Maar toch - met al dat vonden de rechtse rakkers meer reden om te klagen. Er was natuurlijk de voor hand liggende parallel tussen Voldemort en Hitler. De grote schurk van de hele reeks is bezeten door het idee van bloedzuiverheid - "muggles", gewone mensen, verdienen de dood, evenals als alle tovenaars en heksen wiens beide ouders ook geen tovenaars zijn. De rode draad doorheen de zeven boeken en acht films is de dreiging van etnische zuivering.

Anti-racisme vindt overigens ook op andere manieren zijn weg naar de Harry Potter-verhalen; Hogwarts wordt geportretteerd als een multiraciale school, waar met geen woord over eender welke vorm van religie gerept wordt. Zwarte, Aziatische en Indische personages maken hun opwachting - hoewel je jezelf kan afvragen in welke mate dit niet gewoon excuustruzen zijn, tussen een main cast die volledig blank is. Bovendien besteedt Hermione een groot deel van haar tijd aan het oprichten van een liga voor de bevrijding van huiselfen (een subplot die werd verwijderd voor de films). Huiselfen, waaronder het belangrijke personage Dobby, leiden hun leven in slavernij tot hun meester hen bevrijdt door hen kleren te schenken. Vrijwel niemand ziet daar graten in, tot Hermione begint te vechten voor de emancipatie van de schepsels.

Lees verder...

E-mailadres Afdrukken