Banner

Il y a longtemps que je t'aime

8.0
Dennis Van Dessel - 28 maart 2008





115 min.

"Typisch een Franse film", hoorde ik een vrouw op de rij achter mij opmerken aan het einde van 'Il y a Longtemps Que Je t'aime'. Ze zei er niet bij of ze dat nu positief of negatief bedoelde, maar ik maak me maar weinig illusies. Niet dat ze geheel ongelijk had - dit debuut van romanschrijver Philippe Claudel past in een traditie van sombere Franse psychodrama's, waarin weinig wordt uitgesproken maar er diepe trauma's onder de oppervlakte borrelen (dit in tegenstelling tot de al even lang gevestigde traditie van praterige Franse melodrama's, waarin al die trauma's ratelend worden geëxpliqueerd). De personages kijken naar elkaar en zichzelf, je merkt dat er in hun kop van alles aan het gebeuren is, maar uiteindelijk zeggen ze niets - of als ze toch iets zeggen, dan is het iets banaals dat totaal niet ter zake doet. Maar langzaam maar zeker sleurt Claudel je tóch mee in de wereld van zijn verhaal, en wie geduld genoeg heeft om de stiltes en de vaak raadselachtige gedragingen van de personages te aanvaarden, wordt beloond met een mokerslag op het einde.

Kristin Scott Thomas (die al jaar en dag in Frankrijk woont en blijkbaar goed heeft opgelet tijdens de taallessen voor allochtonen) speelt Juliette, een vrouw van in de veertig die vrijkomt nadat ze 15 jaar lang in de gevangenis heeft gezeten. Ze wordt opgevangen door haar zus Léa (Elsa Zylberstein) en haar man Luc (Serge Hazanavicius). Luc ziet het verblijf van Juliette niet echt zitten, maar hij probeert z'n gevoelens voor zich te houden om Léa niet te kwetsen. Langzaam maar zeker zien we hoe de twee zussen elkaar opnieuw leren kennen en hoe Juliette, die zelden spreekt en nooit glimlacht, haar leven opnieuw opbouwt.

Claudel wacht zo lang mogelijk om ons te laten weten voor welke misdaad Juliette heeft vastgezeten, en de onzekerheid die hij doelbewust bij zijn publiek teweeg brengt, geeft een extra dimensie aan alles wat er gebeurt tijdens de eerste 45 minuten van de film. De personages spreken er nooit rechtstreeks over, maar gebruiken eufemismen om het over het verleden te hebben. De gevangenis wordt "die plaats", de misdaad wordt nooit bij naam genoemd maar ondergebracht in de vage categorie "wat er gebeurd is". Het gevolg daarvan is dat de fantasie van de kijker aan het werk wordt gezet. 15 jaar is een lange straf - heeft Juliette een moord gepleegd? Op wie dan? De relatie tussen Juliette en haar zus, om nog maar te zwijgen van de relatie tussen haar en Luc en de kinderen, bevindt zich continu onder die donderwolk van het verleden, zonder dat we die helemaal kunnen plaatsen. Wanneer Claudel dan toch een tipje van de sluier oplicht, en in één kurkdroog uitgesproken zinnetje de misdaad van Juliette medeelt, verhoogt dat alleen maar de intensiteit van het drama. Want met dat ene zinnetje weten we nog altijd niets over de context, het hoe en waarom ervan. Die antwoorden krijgen we pas in de allerlaatste scène.

'Il y a Longtemps Que Je t'aime' gaat dan ook voor een groot deel over de onkenbaarheid van mensen, en over de ongrijpbaarheid van de waarheid. Wanneer Juliette in enkele woorden tegen een mogelijke werkgever zegt wat ze heeft uitgespookt, dan liegt ze niet. Maar ze vertelt ook niet het hele verhaal - het is de waarheid en tegelijk is het veel minder dan dat. En dat is het voornaamste thema van de film: er bestaat niet één absolute waarheid, niet één absolute versie van de feiten waarop je iemand kunt veroordelen. Claudel verpakt die thematiek heel duidelijk (zelfs een beetje té zeer on the nose) in een scène waarin Léa aan de universiteit waar ze werkt, lesgeeft over Dostojevski's 'Schuld en Boete'. Een student suggereert dat Dostojevski met die roman een algemene waarheid wilde verkondigen over hoe elke misdaad, door het resulterende schuldgevoel, z'n eigen verlossing in zich meedraagt. "Wat weet jij daarvan," brult Léa. "Ben jij misschien al in contact gekomen met moord? Of Dostojevski?" De boodschap van die scène: die dode Rus kan beweren wat hij wilt, maar er bestaan geen algemeenheden. Alleen een oneindig aantal individuele verhalen, die we nooit helemaal zullen begrijpen.

Die thematiek wordt vormgegeven in een intrieste, strak vormgegeven film. Claudel gebruikt lichte, haast klinische kleuren (veel wit en grijs) en afstandelijke kadreringen. In combinatie met personages die nooit uitspreken wat ze echt voelen, zorgt dat voor een kille filmervaring, die voor veel mensen zelfs richtingloos kan lijken. Waar wil Claudel nu precies naartoe, wat is de clou van het verhaal? We krijgen er één, maar wel pas op het allerlaatste moment. In de tussentijd zien we hoe Juliette langzaam maar zeker weer tot het rijk van de levenden gaat behoren. Ze probeert continu contact te leggen met andere mensen, met wisselend succes. Een nonchalante one night stand met een anonieme caféganger blijkt een fiasco; haar gesprekken met haar pijnlijk eenzame reclasseringsambtenaar lopen beter, maar leiden uiteindelijk ook nergens naartoe. De vriendenkring van Léa en Luc behandelt haar sympathiek, maar ook met een zekere achterdocht - waar zat die zus van Léa al die tijd? En zo zoekt ze haar weg, een zoektocht waar je niet te veel symbolen of diepere betekenissen achter moet zoeken, omdat het gewoon gaat over een vrouw die na 15 jaar op zoek is naar wat affectie, niet meer en niet minder. Spectaculair is het niet, maar fascinerend is het wel.

Vooral omdat Kristin Scott Thomas, ook in een vreemde taal, een grande dame van de cinema blijft. Met een ingehouden vertolking weet ze toch een link te leggen met het publiek. Let op haar subtiele lichaamstaal - ze lijkt de hele tijd op haar hoede te zijn. Ze schermt zich continu af van anderen, niet alleen door weinig te spreken maar ook door fysiek voortdurend de boodschap uit te stralen: "blijf uit mijn buurt". Wanneer ze aan het einde van de film dan toch eindelijk haar defensies laat zakken en zich laat kennen, is de impact eens zo groot.

De visuele stijl van Claudel is bedrieglijk eenvoudig: zijn camerastandpunten zijn simpel, zonder al te veel franje. De regisseur gebruikt zijn veelvuldige close-ups van Kristin Scott Thomas als leidmotief; steeds opnieuw keert hij daar naar terug, en naarmate de film vordert en Juliette zich iets beter gaat voelen, worden die close-ups ook mooier. De belichting wordt zachter, de make up van de actrice wordt beter, haar haar ligt na een tijdje anders en haar gezichtsuitdrukking wordt minder verbeten, alsof haar gezicht letterlijk smelt na lange tijd bevroren te zijn geweest in een verdriet van 15 jaar. Enfin, het personage wordt fysiek mooier naarmate ze emotioneel herstelt.

'Il y a Longtemps Que Je t'aime' is een stille, rustige film die zich op z'n dooie gemakje onder je huid boort. Het enige echt zwakke punt dat ik kan aanhalen, is dat de clou, wanneer die aan het eind dan toch gegeven wordt, enigszins voorspelbaar is. Een ander scenario, waar Juliette minder sympathiek uit tevoorschijn komt, zou van meer lef getuigd hebben. Maar goed, laat dat je vooral niet weerhouden om je te wagen aan een mooie, uiteindelijk ontroerende film, die absoluut een inspanning van je verwacht, maar die die inspanning dan ook ruimschoots beloont. Typisch Frans, dus.

E-mailadres Afdrukken
 
Il y a longtemps que je t'aime
F / 2008
Regie: Philippe Claudel
Scenario: Philippe Claudel
Met: Kristin Scott Thomas; Elsa Zylberstein; Serge Hazanavicius
Duur: 115 min.


Advertentie
Banner
Advertentie

TEST