Banner

I Am Legend

7.0
Dennis Van Dessel - 19 december 2007




Meestal is het niet zo moeilijk om uit een debuutfilm af te leiden welke regisseurs interessant zijn om in het oog te houden en welke niet. 't Is allemaal een kwestie van originaliteit en passie, veronderstel ik - voel je aan dat dit iemand is die films wilt maken, of is het iemand die z'n kost wilt verdienen? Kijk naar 'Hard Eight' van Paul Thomas Anderson en je merkt binnen de vijf minuten dat je met iemand te maken hebt die het menens is, die een ei te leggen heeft. Kijk naar 'Money Talks' van Brett Ratner (die van 'Rush Hour') en... wel... je begrijpt het concept. In het geval van Francis Lawrence, een videoclipregisseur die enkele jaren geleden voor het eerst onze schermen teisterde met 'Constantine', had ik maar weinig hoop. Die bizarre Keanu Reeves-fantasyhorror (een mens moet het tenslotte een naam geven) had hier en daar wel een lollig momentje, maar hoorde voor de rest thuis in het vuilnisblik van de filmgeschiedenis. Lawrence stond alvast met stip op m'n shit list genoteerd, maar misschien dat ik hem daar na 'I Am Legend' toch maar eens af moet halen. Deze zwaar gehypete apocalyptische thriller is immers de eerste fatsoenlijke blockbuster van deze kerstperiode - een onderhoudende, soms verrassend spannende zombiefilm meets vampierenfilm meets Will Smith in een onderlijveke dat zijn spieren goed in de verf zet.

Het verhaal begint in 2009, met de uitvinding van een wondermiddel tegen kanker. Aanvankelijk lijkt het nieuwe medicijn de meest spectaculaire vondst sinds warme chocolademelk met slagroom, maar al gauw blijkt dat er verschrikkelijke neveneffecten aan verbonden zijn. Er verspreidt zich een virus dat binnen de drie jaar tijd de gehele mensheid uitroeit. De slachtoffers van de ziekte die er niet aan sterven, veranderen in bloeddorstige zombies, die allergisch zijn aan daglicht. Slechts één man, dokter Robert Neville (Will Smith), is immuun - hij werkt aan een geneesmiddel in zijn versterkte flat, waar hij zich elke nacht binnen barricadeert om de vrije uren van de zombies uit te zitten.

Dat verhaal werd gebaseerd op een boek van Richard Matheson, dat al twee keer eerder werd verfilmd; eerst als 'The Last Man On Earth' in 1964, en in '71 nog eens als 'The Omega Man', met Charlton damn you all to Heston. De kracht ervan ligt in z'n eenvoud - het hele gegeven is zo high concept als het maar kan zijn. Je kunt in essentie de hele film samenvatten in de eenvoudige pitch line: "de laatste man op aarde vecht tegen zombies". Meer dan dat is het niet, maar die extreme rechtlijnigheid van het verhaal (weinig grote plotwendingen, weinig personages) laat Francis Lawrence toe om binnen die oersimpele premisse te beginnen spelen met suspensescènes. Hij hoeft er zich geen zorgen over te maken om een complex verhaal verteld te krijgen, er zijn geen grote dialoogscènes waarin er van alles en nog wat duidelijk gemaakt moet worden en zelfs van relaties tussen verschillende personages is nauwelijks sprake. Het concept van 'I Am Legend' is zo minimalistisch, maar toch zo fascinerend, dat het voldoende is om daar anderhalf uur lang variaties op te bedenken.

In die zin doet de film sterk denken aan '28 Days Later' - het idee van een virus dat mensen in zombies verandert is aanwezig, evenals dat van een handvol overlevenden, hier gereduceerd tot één man, die zich moet zien te redden. Ook die film was bijzonder sterk zo lang de makers het eenvoudig hielden en zich concentreerden op de overlevingsstrijd van de hoofdpersonages. Toen daar in het laatste derde van het verhaal van afgeweken werd, verloor de film z'n kracht. In 'I Am Legend' wordt die fout in mindere mate herhaald - ook hier krijgen we aan het einde een aantal plotwendingen die de spankracht uit de prent halen - maar de extreme over the top waanzin van '28 Days Later' blijft gelukkig ver af.

Lawrence scoort goede punten door spaarzaam om te gaan met zijn zombies. We krijgen de creaturen al bij al niet zo heel vaak te zien, en echte actiescènes zijn kort. Lawrence wil eerder een sfeer creëren, het gevoel tot leven wekken dat ze op elk moment van achter die hoek daar tevoorschijn kunnen komen, met hun asgrijze kleur en hun fascinerende huidziektes. Naar de huidige normen van Michael Bay-bombast, waarin elke actiefilm minstens twee uur en tien minuten moet duren en vier of vijf climaxen moet hebben, is 'I Am Legend' zelfs opvallend ingehouden. Met een zuinige speelduur van 100 minuten en een finale die voorbij is voor je het weet, profileert de film zich als een exemplaar dat werd gemaakt volgens het motto: always leave them hungry, in plaats van: meer is niet genoeg. De kans bestaat zelfs dat sommige mensen lichtjes teleurgesteld naar huis zullen gaan omdat ze niet genoeg actie hebben gekregen, maar ik was al lang blij dat we nog eens een blockbuster hebben die durft te rekenen op suspense, in plaats van op knal-bang-boem (hoewel dat laatste er op tijd en stond óók bij komt kijken, natuurlijk).

Twee van die suspensesequenties steken er met kop en schouders bovenuit: één waarin Smith in een donker gebouw zijn hond gaat zoeken, en één waarin hij zichzelf, na een wonde aan zijn been te hebben opgelopen, in zijn auto probeert te heisen terwijl de monsters dichterbij komen. Typisch aan beide scènes is dat de monsters er maar eventjes in te zien zijn - waar het om gaat, is de reactie van Smith op wat hij ziet en beleeft, zijn angst. En dus krijgen we erg vaak close-ups van de acteur, die de verbeelding van het publiek verder het werk laten doen. Slimme zet - dichtgeknepen billen en gekromde vingers zullen uw deel zijn.

Will Smith krijgt hier in principe een one man show te spelen - tijdens drie vierde van de film loopt hij alleen rond, enkel vergezeld door z'n hond. Dat Smith een film kan dragen met zijn typische 'Men In Black' I will knock yo' punk-ass down!-pose wisten we al langer, en van tijd tot tijd zien we dat imago ook terugkomen (Smith die een bataljon zombies omver rijdt met zijn 4x4 terwijl hij uitschreeuwt: "DIEEEEE!", dolletjes!). Maar hier en daar weet hij een oprecht emotioneel moment tot leven te wekken, waar zijn eenzaamheid en verlatenheid uit spreekt, en ook dàn blijft hij geloofwaardig. Een scène waarin Smith huilend aan een etalagepop vraagt om alstublieft hallo tegen hem te zeggen, had genant kunnen zijn, maar het wérkt.

Vanzelfsprekend is 'I Am Legend' geen filosofisch traktaat over de psychologische gevolgen van absolute eenzaamheid - mensen die daarover wensen te zeuren (en die mensen zijn er, als je de buitenlandse pers er eens op naslaat) hadden op voorhand al kunnen weten dat ze in de verkeerde zaal zaten. Maar het is wel een uitstekende blockbuster, die ons voor de verandering eens niet murw slaat met overdonderend geweld. Het einde is een beetje een teleurstelling, omdat ze te betuttelend lijkt in vergelijking met het voorgaande, en wie daar zin in heeft, kan hier en daar best wel een paar praktische bezwaren aanbrengen (elektriciteit en stromend water in een wereld die al drie jaar onbewoond is?). Maar who cares? Dit is mainstream vermaak zoals het gedaan moet worden.

E-mailadres Afdrukken
 
I Am Legend
USA / 2007
Regie: Francis Lawrence
Scenario: Mark Protosevich; Akiva Goldsman
Met: Will Smith; Alice Braga; Charlie Tahan; Salli Richardson
Duur: 100 min.


Advertentie
Banner
Advertentie

TEST