Banner

Small Gods

4.0
Dennis Van Dessel - 15 oktober 2007





Twee mannen en twee vrouwen zitten rond een kampvuur, met achter zich een camper. Eén van de mannen, een bebaarde dertiger, is geagiteerd aan het praten, zijn handen flapperend als vissen op het droge. "Jezus heeft tegen mij gesproken," zegt hij, "en hij heeft me verteld om Zijn woord, wat dus eigenlijk ook mijn woord is, te verspreiden!" Hij grijpt achter zich, waar hij tegen de wand van de camper een kruis heeft neergezet - geen klein kruisbeeld ofzo, nee hoor, een volschalig, levensgroot kruis. Hij begint er liefkozend over te wrijven terwijl hij verder spreekt. Da's dan de liefde van de Heer, veronderstel ik. Tegen het einde van de scène zal dat kruis in brand staan. Welkom in de wereld van 'Small Gods', zonder meer de vreemdste Belgische films sinds... wat, 'Calvaire' misschien? Staan op het menu: een boksmatch met de heer onze God zelve (!), enkele gruwelijke moorden en (om wat tegengewicht te bieden) een paar knuffels met volslagen vreemden. Yup, dit is er eentje die duidelijk gemaakt is onder het motto: "het kan ook niet alle dagen 'Firmin' zijn".

Het verhaal draait rond Elena (een goeie Steffi Peeters), een jonge vrouw die na een autocrash haar zoontje verliest. Ze wordt ontvoerd uit het ziekenhuis door David (Titus De Voogdt), een mysterieuze man die haar nooit uitlegt waarom hij haar nu precies uit haar bed is komen lichten. In een aftandse camper trekken ze door een onbestemd landschap (waarschijnlijk Wallonië en Noord-Frankrijk, maar het kan overal zijn), onderweg naar... Wie weet? In de tussentijd pikken ze ook Sara op, een jong meisje dat in het midden van een verlaten veld op het punt staat verkracht te worden wanneer David tussenbeide komt. De drie ondernemen samen een road trip door een surreële wereld: drie zwaar beschadigde mensen in een al evenzeer kapotgebeukte camper, van wie we gaandeweg meer te weten komen via bizarre flash-backs. Hoe langer de reis duurt, hoe groter de waanzin wordt die de personages omringt.

Je kunt van regisseur en scenarist Dimitri Karakatsanis (probeer dié naam maar eens uit te spreken met een paar ouzo's achter de kiezen) veel zeggen, maar niet dat het hem ontbreekt aan creativiteit of lef. De meeste Belgische regisseurs klampen angstvallig vast aan het naturalisme dat ze met de paplepel hebben meegekregen - ze willen toch zo graag volstrekt realistisch zijn, moesten ze kunnen, ze zouden zelfs de camera afzetten om de werkelijkheid niet te verdraaien. Karakatsanis daarentegen, wentelt zich in zijn eigen surrealisme. Hij kondigt vanaf de eerste minuten luid en duidelijk aan dat dit een film zal worden waarin de werkelijkheid verraderlijke vormen zal aannemen en vaak moeilijk te duiden zal zijn, en die proclamatie maakt hij vervolgens anderhalf uur lang meer dan waar.

Dat surrealisme merk je enerzijds gewoon aan de plot en de personages: erg plausibel is het om te beginnen al niet dat een vrouw die door een volslagen vreemdeling uit haar ziekenhuisbed wordt ontvoerd, zich daar zelfs geen vragen bij lijkt te stellen. "David zorgde voor alles," horen we haar achteraf vertellen, "dat was genoeg. Ik vertrouwde hem." Het Stockholm-syndroom gaat verdomd snel te werk in 'Small Gods'. Maar het wordt nog veel gekker eens de achtergrondverhalen van de personages eraan te pas komen: David heeft namelijk ooit een robbertje gevochten met de Onbewogen Beweger zelf, en sindsdien kan hij de pijn van andere mensen aanvoelen. Uh-huh. En de manier waarop Sara bij het duo terechtkwam, is dan weer zó gruwelijk dat het bijna grand guignol wordt. 'Small Gods' verloopt wel degelijk volgens een soort van interne logica, maar het is ook van begin tot eind duidelijk dat de regisseur zijn verhaal en personages alleen wilt gebruiken als pionnen in een uitgebreid complex aan metaforen en symbolen. Het gaat helemaal niet over Elena, David en Sara als geloofwaardige personen in een realistische situatie, want geloofwaardig zijn ze niet en realistisch is hun situatie niet.

Waar gaat het dan wél over? Wel, dàt is dus iets waar de maker zelf het schijnbaar ook nog een beetje moeilijk mee heeft: hij weet een tamelijk interessant (en in ieder geval behoorlijk freaky) schouwspel op poten te zetten, maar hij blijft te veel steken in loutere weirdness, zonder dat de bedoeling er achter echt duidelijk wordt. Je krijgt de vage indruk dat het allemaal ergens naartoe leidt, maar naar waar? Als Karakatsanis al een overkoepeld thema heeft, een groot inhoudelijk punt dat het surrealisme rechtvaardigt, dan gaat het minstens gedeeltelijk verloren onder de bizarre wendingen, die vaak behoorlijk met elkaar botsen. Wat mij betreft, gaat 'Small Gods' voor een groot deel over mensen die proberen af te rekenen met het verleden, zich ervan proper te wassen, en als je op je eentje niet sterk genoeg bent om dat te doen, dan heb je soms wat hulp nodig. Maar wie zal het zeggen? De film gaat immers veel te veel kanten tegelijk uit: we krijgen een flash back naar een scène waarin Elena ontslagen wordt omdat ze continu te laat op haar werk komt, wat een tragikomische impact heeft op het verhaal (Johan Heldenbergh is immers hilarisch in een cameo als wezelachtige chef). En zo'n scène moet dan in dezelfde film passen als één waarin David uit pure empathie een paard knuffelt, of de scène met de gek met zijn kruis, of een bloederige finale, die zwaar over de top gaat. 'Small Gods' wisselt met z'n bizarre episodes zo vaak van tempo en toon, dat het moeilijk wordt om door de bomen het bos nog te zien, en een enkel doel te onderscheiden waar het allemaal naartoe werkt.

Visueel is de film nochtans wél dik in orde. De fotografie van Nicolas Karakatsanis (broer van de regisseur) maakt veel gebruik van close-ups en tegenbelichting. In combinatie met een korrelige filmstock en mooie herfstkleuren zorgt dat voor een intieme, poëtische look. En die kan de film ook best gebruiken - uiteindelijk is dit een soort spirituele road movie, waarin het landschap waar de camper doorheen sjeest weinig meer is dan een mentaal decor. Broer Nicolas speelt wel net iets te gretig met de focus van zijn camera (door scènes vaak bewust out of focus te filmen), maar goed, dat weze hem vergeven.

'Small Gods' is een interessant experiment, maar daarom nog niet een geheel geslaagd exemplaar. Er zitten boeiende dingen in en je verveelt je niet, maar de prent springt met z'n gekheden zodanig van de hak op de tak dat het punt ervan verloren gaat. Maar bon, je ziet hier tenminste mensen aan het werk die films willen maken waar nog eens iets over te vertellen valt. Het zit er vaak vierkant nevens, maar het is tenminste niet banaal.

E-mailadres Afdrukken
 
Small Gods
B / 2007
Regie: Dimitri Karakatsanis
Scenario: Dimitri Karakatsanis
Met: Titus De Voogdt; Steffi Peeters; Louiza Vande Woestyne; Dirk van Dijck
Duur: 90 min.


Advertentie
Banner
Advertentie

TEST