Banner

London to Brighton

8.0
Dennis Van Dessel - 19 juli 2007





83

Er was een tijd dat Britse misdaadfilms een heel specifieke identiteit hadden, zodat je ze nooit kon verwarren met hun Amerikaanse tegenhangers. Kijk maar eens naar klassiekers als 'Get Carter' of 'The Long Good Friday': Britse gangsterfilms waren minder gepolijst, ruiger en smeriger dan wat de Yanks doorgaans afleverden. De criminelen waren lelijkaards met paardengebitten in plaats van afgeborstelde killers met fotogenieke zonnebrilletjes, maar ze straalden een soort van lower class straattuig-dreiging uit waar je niet omheen kon. Kortom, de Britse misdaadfilm had iets te betekenen. Tijdens de laatste tien jaar is die reputatie echter serieus verwaterd - meer en meer liepen de Engelsen de Amerikanen achterna, met pseudo-hippe, o zo postmoderne werkstukjes, die realisme en suspense aan de kant legden voor zelfreferentiële knipoogjes en al dan niet geslaagde humor. Guy Ritchie is één van de grootste schuldigen, natuurlijk, maar er zijn er nog anderen. Vandaar dat het goed doet om een film als 'London to Brighton' te zien, die het misdaadgenre op een overtuigende manier weet te combineren met een sociaal drama in de trant van Ken Loach. Geen flauwe "het is allemaal maar een film"-grapjes, geen geforceerde visuele trucjes, geen nodeloos verhakkelde structuur, geen wannabe-Tarantino dialogen. Dit is back to reality, en hoé.

De openingsscène is één van de meest memorabele van de laatste jaren: we zien twee meisjes een openbaar toilet binnenlopen, ergens in een groezelige wijk van Londen. Kelly (een waanzinnig intense Lorraine Stanley) is in de twintig, maar ziet eruit alsof ze al drie levens heeft geleid. Joanne (Georgia Groome) is elf. Kelly's oog zit dicht, één mondhoek is met bloed omkorst, terwijl Joanne hysterisch huilt. We weten niet wat hen overkomen is, maar uit hun conversatie maken we op dat ze op de vlucht zijn voor een man die Derek heet. Kelly zegt tegen Joanne dat ze zich in de wc moet opsluiten terwijl zij snel geld gaat verdienen om de trein te kunnen nemen naar een kennis in Brighton, waar ze veilig zullen zijn.

Via flash-backs komen we vervolgens te weten wie Kelly en Joanne precies zijn en waar ze voor wegrennen. Bepaalde dingen zijn vanaf het begin duidelijk - Kelly is een hoertje, de mysterieuze Derek is haar pooier - maar de details worden maar in spaarzame stukjes vrijgegeven. Debuterend regisseur Paul Andrew Williams haalt een groot deel van de aanzienlijke kracht van 'London to Brighton' uit de nauwgezette manier waarop hij speelt met de verwachtingen van het publiek. Al na de eerste tien minuten kunnen we ons ongeveer een gedacht vormen van wat er is gebeurd, en naarmate de film verdergaat worden al onze ergste vermoedens bevestigd, wat voor een beklemmende noodlotssfeer zorgt: je ziet de personages regelrecht naar de rand van een afgrond lopen, en er is niets dat je kunt doen om hen tegen te houden.

Een flash-backstructuur wordt maar al te vaak gebruikt als gimmick, zeker in misdaadfilms, maar Williams weet verdomd goed waar hij mee bezig is - dit is geen gratuit gerommel met de tijdlijn, maar een essentieel onderdeel van het verhaal. Door die structuur te gebruiken, kan de regisseur immers de twee verhaallijnen gelijktijdig tegenover elkaar plaatsen en ze samen naar een climax voeren: enerzijds de gebeurtenissen van de avond tevoren, die ertoe geleid hebben dat Kelly en Joanne bont en blauw in die wc terechtkwamen, en anderzijds hun vlucht voor Derek (en de machten die boven hém staan) daarna.

Het is die structuur die zorgt voor het thrilleraspect van 'London to Brighton' - en geloof me, het ís een spannende film. Maar zo mogelijk nog indrukwekkender is de manier waarop Williams zijn personages schetst. 'London to Brighton' is een intens deprimerende prent, die zich afspeelt in een mistroostig Engeland waar de hemels altijd overtrokken zijn, mensen in groezelige flatjes rondscharrelen en criminaliteit en prostitutie de enige manieren zijn om te overleven. De miserie staat in diepe groeven afgetekend op de gezichten van de hoofdfiguren. Maar Williams staat ze allemaal, ongeacht hun rol in het verhaal, tóch toe om een zekere menselijkheid te bewaren. Er is geen enkel moment waarop de personages wegzinken in een ééndimensionele rol van schurk of slachtoffer. De overheersende indruk waar je mee naar huis gaat, is dat al die personen zich gewoon in een leven bevinden waar ze zelf niet om gevraagd hadden, maar waar ze zich naar moeten schikken. Dit zijn personages met een pragmatische visie op moraliteit, omdat ze zich niets anders kunnen veroorloven. Wat is het juiste om te doen? Eender wat dat ervoor zorgt dat ze de dag erop nog een dak boven hun hoofd hebben. De enige figuur in 'London to Brighton' die zonder excuus als een door en door gemeen, rotslecht persoon wordt opgevoerd, is niet toevallig een welgestelde man die in een riant huis woont. Wat is het verschil? Keuze. Als je rijk bent, heb je altijd de optie om een legitiem leven te leiden, omdat je sociale omstandigheden je nergens toe dwingen. De andere personages, inclusief pooier Derek, hebben die keuze niet.

Williams lijkt niet zozeer sympathie te vragen voor al deze personages, als wel empathie. Ze doen soms gruwelijke dingen, maar de vraag die Williams ons subtiel stelt, is: wie durft te zeggen dat hij onder gelijkaardige omstandigheden misschien niet hetzelfde zou doen? Welke vrouw kan met honderd procent zekerheid zeggen dat ze zich nooit zou prostitueren, ook al groeit ze dan op in een milieu van diepe armoede? En welke man durft te zweren dat hij nooit geweld zou gebruiken, ook al ziet hij nooit iets anders in zijn omgeving? De schrijver/regisseur toont een diepgeworteld humanisme in 'London to Brighton', dat het anker van de film vormt.

Hoewel een groot deel van de lof ook naar de acteurs moet gaan. Lorraine Stanley speelt een moedige rol als Kelly, een harde tante die schijnbaar aanvaard heeft wie en wat ze is, en zich navenant gedraagt. Ze loopt quasi de hele film lang rond met een gezicht alsof er net een trein overheen gereden is, en haar ogen staan dof - te veel pijn, te veel miserie. En naast haar loopt Georgia Groome, die zodanig indrukwekkend is als getraumatiseerd kind dat het na een tijdje echt pijnlijk wordt om naar te kijken. Op een bepaald moment zit je je oprecht af te vragen hoe ze dat allemaal ooit gefilmd hebben en wat voor effect dat heeft gehad op de jonge actrice. Als je dàt soort dingen begint te denken, mag je zeker zijn dat je naar een straffe acteerprestatie zit te kijken.

'London to Brighton' is een doorleefde, steenharde, maar diepmenselijke film, en een fantastisch visitekaartje van een nieuw talent. Het enige dat er echt tegen valt in te brengen, is het einde, dat net niet helemaal weet te overtuigen. Maar laat dat u vooral niet tegenhouden om tussen de piraten, ogers en tovenaarsleerlingen door tóch dit grimmige, duistere, aangrijpende filmpje mee te pikken. U zult er héél stilletjes buitenkomen.

E-mailadres Afdrukken
 
London to Brighton
UK / 2006
Regie: Paul Andrew Williams
Scenario: Paul Andrew Williams
Met: Lorraine Stanley; Georgia Groome; Johnny Harris; Sam Spruell
Duur: 83 min.


Advertentie
Banner
Advertentie

TEST