Banner

De Laatste Zomer

6.0
Peter De Backer - 07 juli 2007





Er beweegt iets in de Vlaamse cinema. Een jonge garde filmmakers van eigen bodem is namelijk druk bezig met het oppoetsen van het ietwat saaie imago van onze filmsector. Felix Van Groeningen zette onlangs die frisse toon verder met z'n 'hoe meer je het laat bezinken, hoe beter het wordt'-melancholiebevlieging 'Dagen Zonder Lief' en nu springt jonkie Joost Wynant in diezelfde vijver waar jongeren doelloos in ronddobberen. 'De Laatste Zomer', de langspeelversie van de gelijknamige kortfilm waarmee Wynant de Canvasprijs won, is een klein no budget-zomerfilmpje, dat echter voldoende charme en oprechtheid onder het kippeborstje heeft zitten om van een geslaagd debuut te spreken. Het groen achter de oren is nog duidelijk zichtbaar, maar de terugkeer naar een dromerige zomer uit de jaren negentig wekt minstens evenveel nostalgie op als dat grijsgedraaide radiohitje van die gasten die zingen over hun eerste tetjes en Hannibal van het A-Team.

We schrijven de zomer van 1996. Het jaar waarin een verlamd België verstrengeld zit in de wurggreep van Dutroux. Een nationale schok waar vier pubers in een plattelandsdorpje helemaal geen last van hebben. Schuchtere Rik (Bram van Outryve), geile bok Tim (Robbrecht Vanden Thoren die wel de bastaardzoon lijkt van Spud uit 'Trainspotting' en Tim Roth ), voetbalzot Bart (Gilles De Schryver) en dromer Roel (Freek Peters) zijn vier maten die hun lange zomer vullen met rondslenteren, zeveren over seks (borsten zijn kweetnie hoe belangrijk en meiskes smaken naar vis!) en zuipen tot het er weer langs boven uitkomt. Te jong om te ontsnappen en te oud om nog met volle teugen te kunnen genieten van wat ze later ongetwijfeld de beste tijd van hun leven zullen noemen. Rik mag dan wel het huis voor zich alleen hebben, de verveling en frustratie slaat onvermijdelijk toe en de jongens hebben dringend nood aan een avontuurtje. De komst van de aantrekkelijke en mysterieuze Sandrine (een sexy Laura Verlinden) in het dorp is alvast een stap in de goede richting. Nog voor hij het goed en wel beseft beginnen Riks hartje en onderbroekje sneller te kloppen en lopen de spanningen in de kliek steeds hoger op door de prikkelende aanwezigheid van de brunette in het opdwarrelende rode jurkje.

"'t Is met bonnekes", horen we één van de makkers zeggen wanneer ze een avondje in het lokale jeugdhuis aan de toog gaan plakken om deernes te bekijken. 'De Laatse Zomer' heeft dan wel een verhaaltje van twee keer niks, de herkenbare details zijn vaak zo knal erop, dat ik bij momenten volledig werd meegesleurd naar m'n eigen muurbloempjesavonturen op de chirofuiven met het veel te koude pisbier in van die plastic bekertjes. Joost Wynant is iemand van de "geboren in de jaren tachtig, opgegroeid in de jaren negentig"-generatie en zijn filmdebuut draagt ontegensprekelijk de authentieke stempel van zijn eigen jeugdjaren mee (de legendarische pussy-monoloog uit 'From Dusk Till Dawn' passeert zelfs even). Het hoeft dan ook niet te verbazen dat 'De Laatse Zomer' vooral zal klikken bij dat zootje ongeregeld dat tot dezelfde generatie behoort als de regisseur.

Wynants debuut heeft op papier misschien veel weg van een zomerse en onschuldige prequel op 'Dagen Zonder Lief', maar op een paar vergelijkbare thematische raakpunten na (liefde in combinatie met de trouwe vrienden, dat blijft toch wrijvingen geven), bevinden beide films zich toch in totaal verschillende werelden. Waar Van Groeningen een realistische aanpak hanteerde, kiest Wynant voor een meer gestileerde en gekunstelde benadering. De kleurtjes zijn feller, de composities uitgepuurder en personages van vlees en bloed worden ingeruild voor leuke maar oppervlakkige typetjes. Op die manier heeft 'De Laatste Zomer' meer gemeen met een jongensachtig stripverhaal dan met het echte leven. Ook de bittere melancholie en wrange kantjes uit 'Dagen Zonder Lief' zijn hier nog in geen Vlaamse velden en wegen te bespeuren (het zou ook niet echt passen bij het levensbeeld van een stel zeventienjarige wildebrassen). Dus op het losse sfeertje en de Oost-Vlaamse setting na (de Gentse accenten rollen weer vettig en prettig) wordt 'De Laatste Zomer' beter niet al te veel vergeleken met grote broer 'Dagen Zonder Lief'. Wynant is nog niet zo'n ervaren cineast als Van Groeningen, maar z'n debuut kan wel zonder al te veel problemen op de eigen groeipijnbeentjes staan. Er is een doordachte identiteit, een persoonlijke visuele stijl en er zijn een paar vree wijze dingen terug te vinden in dit gezapige puberavontuurtje.

De fijne toetsen zitten 'm in de sfeerschepping (hoewel de regenachtige opnamedagen veel zwoele zomermomenten onmogelijk maakten) en de gedetailleerde evocatie van de lummelige zomervakantieroes die we allemaal wel eens hebben meegemaakt. Het dorpje waar niks te beleven valt, de allesoverheersende verveling die tot overdadig irritant randdebielgedrag leidt (amaai, die Tim verdient bij momenten een serieuze tik op zijn kop) en het gebrek aan middelen om er iets aan te veranderen. Een liftend avontuurtje naar de zee valt letterlijk in het water, het neerkogelen van kippen met een loodjesgeweer is maar sadistisch volgens filosoof-in-spe Roel en als naar een pornofilm kijken met de buddies het hoogtepunt van een verloren dag is, dan vraag je je toch af of het ooit anders zal zijn. Dat gevoel wordt op een aangename en altijd herkenbare manier in beeld gezet. Wanneer Rik zich afvraagt of hij de enige normale is van zijn gezelschap, dan geloof je hem, ook al mist zijn personage wat karakter en scherpte om echt onder de huid te kruipen.

Het grote probleem met 'De Laatste Zomer' is echter dat de sfeer en details wel goed zitten, maar dat er geen stevig overkoepelend coming of age-verhaal aanwezig is om als ruggegraat te dienen. De vlindertjes in de buik bij Rik, de idiote uitspraken van Bart (in zijn truitje van Anderlecht toen ze nog scoorden met de Generale Bank, ah nostalgie), de verborgen tristesse van Tim en de gezonde spirit van meisjesversierder Roel, allemaal goed en wel, maar het vindt moeizaam harmonie met elkaar en de helft van de tijd weet je ook niet of het effectief ergens toe zal leiden. En wanneer het verhaal de pseudothrillerachtige toer opgaat, weet je het wel zeker: de losse elementen vormen geen geslaagd geheel. Zo is het subplotje met Roel en zijn verovering Ilse (Celine 'Wiske uit de Suske en Wiske-film!' Verbeeck die potverdikke goed voorzien is van oren en poten) op zich wel interessant, maar het raakt te geforceerd en ongeloofwaardig betrokken bij het grotere verhaal.

'De Laatste Zomer' zal niet veel potjes breken, maar dat is ook nooit de bedoeling geweest. Wynant heeft de kans gekregen om z'n bekroonde kortfilmpje om te zetten in een langspeler en heeft dat duidelijk met veel enthousiasme aangepakt. De onervaren acteurs zijn leuk om bezig te zien, de speelse toon en dialogen werken aanstekelijk, de soundtrack luistert lekker weg en vooral visueel (het zwembadmomentje, nice) laat de jonge regisseur zien dat hij over talent beschikt. Alleen jammer dat het inhoudelijk zo weinig voorstelt en dat het allemaal toch zo braaf binnen de oppervlakkige lijntjes kleurt. Niettemin, geef 'm nog een paar zomers om wat ballen te kweken en wat levenswijsheid op te doen en wie weet waar Joost Wynant ons nog allemaal mee zal verrassen in de toekomst.

E-mailadres Afdrukken
 
De Laatste Zomer
B / 2007
Regie: Joost Wynant
Scenario: Joost Wynant
Met: Bram Van Outryve; Gilles De Schryver; Laura Verlinden; Robrecht Vanden Thoren; Freek Pieters; Celine Verbeeck
Duur: 95 min.


Advertentie
Banner
Advertentie

TEST