Banner

The Host

7.0
Peter De Backer - 05 mei 2007





Driewerf hoera, het seizoen van de bigger than big blockbusters is terug aangebroken. Terwijl Spidey zijn web klaarmaakt om voor de zoveelste keer wereldwijde box-office records te verpulveren, staan Jack Sparrow, Harry Potter, een ogre met een Schots accent, de blitse Transformers en zelfs Homer Simpson achter het hoekje te wachten om de massa's naar de verkoelende multiplexen te lokken. Leuk voor de popcornkauwende bioscoopliefhebber, maar welk cinefiel tegengewicht mag de aftrap geven in deze periode van light entertainment? Wel, ook een blockbuster, maar dan wel een eigenzinnige van Zuid-Koreaanse makelij. 'The Host' (ofte het veel sappiger klinkende 'Gwoemul') brak in eigen land niet alleen de bioscooprecords, maar gaat al even destructief te keer met de archetypische kenmerken van het creature feature-genre. Het resultaat is een kickass monsterfilm met ruimte voor sociopolitieke commentaar, zwarte humor en disfunctionele familietoestanden. Een welgemeende 'Hollywood, watch and learn' was zelden toepasselijker.

Het verhaal draait rond de kleurrijke familie Park, die een eetkiosk uitbaat aan de Han-rivier in Seoul. De pater familias Hee-bong (Byeon Hie-bong) moet hopeloos toezien hoe zijn onbekwame zoon (alweer een schitterende Song Kang-ho, deze keer met een blonde kop) steeds in slaap dommelt tijdens het werk en eigenlijk niet zo'n goeie vader is voor z'n dochtertje (knappe vertolking van de jonge Ko Ah-sung). De andere zoon van Hee-bong is dan weer een werkloze hooggeschoolde (sneer naar de overheid van Zuid-Korea) en dochterlief is een medaillewinnende boogschutter. Alles gaat min of meer zijn normale gangetje tot een mutantenmonster uit de rivier opduikt en Gang-du's dochtertje meesleurt. Terwijl de overheid de bevolking in quarantaine houdt en het amfibieachtig beest probeert te vangen, moeten de Parks samenwerken om de jongste telg van de familie terug te vinden.

Nadat regisseur Bong Joon-ho het serial killer-genre op zijn kop zette met het uitstekende 'Memories of Murder', speelt hij even hard met de voeten van het monstergenre (denk aan klassieker 'Jaws' als blauwdruk). Waar normaal het 'beest' geleidelijk aan wordt onthuld (de vin van de haai, een glimp van z'n rubberen kop onder water) en pas op het einde volledig in beeld wordt gebracht, doet Gwoemulleke reeds z'n intrede in een zinsverbijsterende openingssequentie. Het begin is zo intens (het meisje dat haar nagels zit te lakken!), zo in your face (opeens strompelt dat beest daar in klaarlichte dag alsof het niks is) en zo knap in beeld gebracht (die ongelukkige die het water wordt ingemept!), dat de handpalmen twee uur later nog klam zullen aanvoelen. Na die opening wisselt 'The Host' dan wel een beetje te drastisch van toon en tempo, maar als 'nu ga ik ze eens met hun gat aan hun stoeltje kluisteren'-opener is 'The Host' zonder twijfel het beste dat het genre in lange tijd heeft aangeboden. Nu al een klassieker, die eerste twintig minuten.

De keerzijde van zo'n briljant begin is het vervelende feit dat 'The Host' het 'holy fuck!'-gehalte van zijn curtain opener nergens kan overtreffen. Er passeren nog wel een handvol indrukwekkende set-pieces (zie het beest slingeren aan de onderkant van een brug, flippin' awesome!) en de finale is een waardige opvolger van de intro, maar het valt niet te ontkennen dat het beste van de film vooraan zit. Gelukkig is Bong Joon-ho een kind van de postmoderne generatie die met veel verve andere elementen weet toe te voegen aan zijn hybride genrefilmpje. Dat 'The Host' zoveel meer is dan enkel maar een creature feature is niet de sterkste troef (de stukken met het beestje blijven de paradepaardjes), maar het levert wel een steeds interessante prent op die visueel erg goed op zijn setting inspeelt (de gutsende regen in combinatie met de donkere rioleringen is bijzonder knap) en nogmaals bewijst dat Zuid-Korea wel degelijk één van de meest creatieve filmlanden van het moment is.

Gewoon een film maken over een niet steeds elegant rondlopend wezen (dikke pluim voor de CGI-tovenaars van WETA en The Orphanage die een cool en geloofwaardig beest hebben gecreëerd) was niet genoeg voor mister Bong, en dus heeft hij van zijn monster mash ook een relevante satire gemaakt die vooral uithaalt naar Amerika (het beest is ontstaan nadat een Amerikaanse dokter formaldehyde door de rioleringen spoelt, een detail dat trouwens waar gebeurd is). Zo krijgt het chemische wapen dat het monster moet bestrijden de naam 'Agent Yellow' mee, een onsubtiele verwijzing naar 'Agent Orange', dat even onsubtiel werd rondgestrooid tijdens de Vietnam-oorlog. Het is ook onder druk van de Amerikaanse overheid dat er hardnekkig wordt vastgehouden aan het zogezegde besmettingsgevaar (schitterende visuele gag met de fluim van een rochelende man) dat Seoul in zijn greep houdt. 'The Host' (misschien is the host de overheid wel, wie weet) een anti-Amerikaanse film noemen is misschien wat agressief, maar als zelfs Noord-Korea deze film positief ontvangt, moet er toch iets van aan zijn.

Alsof dat nog niet genoeg was, wordt 'The Host' ook gemuteerd tot een disfunctionele komedie met de tegenslagen van de Parks in de hoofdrol. Het is een bizarre mix, en soms verliest de regisseur effectief zijn houvast en focus (het middenstuk wordt geplaagd door mini-dipjes omdat er zoveel onconventionele elementen worden samengebracht). Gelukkig kan Bong rekenen op een talentvolle cast die de Parks even tragisch als hilarisch tot leven brengt (en die grens is soms flinterdun, bekijk maar de rouwscène na de eerste aanval). Vooral Koreaanse superster Song Kang-ho ('Memories of Murder', 'Sympathy For Mr. Vengeance') zet een bijzondere antiheld neer als de niet al te snuggere vader die zijn dochterje koste wat kost wil terugvinden. Het levert trouwens één van de vele heerlijke shots op wanneer hij het voorbijzwemmende beest achterna zit op een brug. 'The Host' wil misschien iets teveel tegelijk zijn, maar de even intelligente als onvoorspelbare aanpak van de regisseur houdt het mengelmoesje grotendeels in evenwicht.

Echt angst aanjagen zal 'The Host' niet doen, en mensen die helemaal gehersenspoeld zijn door de tamme clichés van Hollywood, zullen de bizarre plotwendingen en humor wellicht ook niet altijd kunnen appreciëren. Wie het toch een kans wil geven, krijgt niét de ultieme monster movie, maar wél een razend knappe, soms bijzonder spannende en altijd entertainende blockbuster voor cinefielen. Er zijn fouten (er kon met gemak een kwartiertje uit het midden gehaald worden), maar dit is gewoon te fris, te origineel en te amusant om te laten schieten. Benieuwd welk genre Bong voor zijn volgende film in de mixer gaat steken.

E-mailadres Afdrukken
 
The Host
Zuid-Korea / 2006
Regie: Bong Joon-ho
Scenario: Baek Chul-hyun; Ha Won-jun; Bong Joon-ho
Met: Song Kang-ho; Byeon Hie-bong; Park Hae-il; Bae Du-na; Ko Ah-sung
Duur: 119 min.


Advertentie
Banner
Advertentie

TEST