Banner

Fateless

7.0
Peter De Backer - 06 november 2006




Wie dacht dat er over de Holocaust niks meer verteld, neergeschreven, vastgelegd of gedramatiseerd kon worden, moet eens heel aandachtig kijken naar 'Fateless', een groots opgezette Hongaarse productie, gebaseerd op de autobiografische roman van Nobelprijswinnaar Imre Kertész. Op een bepaald moment staat het hoofdpersonage György, zo kapot als een uitgemergelde joodse knul in een concentratiekamp maar kan worden, gehypnotiseerd naar zijn handen te kijken tegen het flauwe zonlicht. Een bevreemdend beeld dat even surrealitisch als hartverscheurend is. Het is een moeilijk moment, want hoe kan je nu genieten van zo'n staaltje visuele poëzie, terwijl de inhoud niets minder dan verschrikkelijk is? Het is wel degelijk dezelfde Holocaust uit 'Schindler's List' en 'The Pianist', maar toch brengt 'Fateless' een nieuwe, intimistische visie op de meest traumatische gebeurtenis van de afgelopen eeuw. Tijdens zijn verblijf in de concentratiekampen vond Kertész namelijk niet alleen mensonterende gruwel en slavernij, maar ook aanvaarding, kameraadschap en een betekenis voor zijn joodse lotsbestemming. Enfin, bij deze kunnen we de eerste officiële transcendentale Holocaust-ervaring ook tot het Shoah-collectief rekenen.

In 1944 bereikt de Tweede Wereldoorlog de omwentelingsfase. Nazi-Duitsland wordt steeds meer teruggeduwd door het Rode Leger van Stalin en Hitler beslist om Hongarije, een bondgenoot, dan ook maar te bezetten. Net zoals vele andere Hongaarse joden wordt de vader van de veertienjarige György (Marcell Nagy die bijna een hele film lang schitterend staat te acteren met uitsluitend zijn ogen) naar een werkkamp gestuurd. Terwijl de rest van de familie al half in rouwstemming vertoeft, weet de jonge György totaal niet hoe hij er mee moet omgaan. Vader vertrekt, hij blijft achter en veel vragen moeten daar niet bij gesteld worden. Hij gaat aan de slag bij een steenbakkerij maar wordt, samen met de andere joden, op een trein gezet met als eindbestemming de concentratiekampen. Hij komt terecht in Auschwitz en wordt later naar Buchenwald overgeplaatst. Hij neemt een opvallend nuchtere houding aan tegenover het (on)leven binnen de kampen en stelt zich nauwelijks vragen over zijn miserabele lot. Hij beult zich af, raakt ondervoed, kweekt vierdubbele zwarte randen rond zijn ogen, loopt uiteindelijk een onsmakelijke infectie aan zijn knie op, maar hij leert er ook genieten van de kleinere momenten (en die moeten toch wel heel klein geweest zijn). Op een wel heel eigenzinnige manier weigert hij toe te geven aan zijn slachtofferrol en doorworstelt hij zijn periode in de kampen alsof ze niets meer zijn dan het 'normale dagelijkse leven' met evenveel tegenslagen als hoopvolle momenten. Always look on the bright side of life, zeker?

Toen Imre Kertész zijn boek 'Onbepaald door het lot' uitbracht in de jaren zeventig botste hij, niet geheel verrassend, op een stevig controversieel muurtje. Terwijl iedereen het erover eens was dat elke navertelling van de gebeurtenissen in de vernietigingskampen onmogelijk de echte horror konden weergeven, kwam die Imre een beetje vertellen dat het niet allemaal kommer en kwel was in die erbarmelijke joodse buitenverblijven. Maar denk nu niet dat Kertész de Benigniaanse toer opgaat door de Holocaust te herleiden tot een bitterzoet sprookje waar dolle spelletjes kunnen gespeeld worden met die malle nazi's. Neen, de gedachte achter 'Fateless' staat bijna haaks tegenover die van 'La Vita É Bella' en onderneemt geen enkele poging om de harde realiteit te verzachten om een naïeve boodschap voor optimisten te verkondigen. Het autobiografische relaas van Kertész is complex, emotioneel afstandelijk en gaat zelfs meermaals de filosofische toer op om het 'joodse lot' beter te begrijpen. Zo legt György in een vroege scène uit aan een bevriend buurmeisje dat ze de jodenhaat niet persoonlijk moet opnemen. 'Het is iets algemeen en veel kunnen we er niet aan doen, dus maak je niet teveel zorgen' deelt hij het snikkende meisje wel heel droog mee. Terwijl de meesten het antisemitisme, de Endlösung en de gruweltaferelen in de kampen zo ver mogelijk willen distantiëren van de werkelijkheid en het aardse (hoeveel keer werd Hitler al niet vergeleken met de duivel en het nazisme met diabolische taferelen?), weigert Kertész die 'gemakkelijke' weg te nemen. Want iemand die dat doet, die geeft toe aan de ontmenselijking die men ondergaat in de concentratiekampen. Door zijn ervaringen te zien als niks meer dan een voortzetting van zijn dagelijkse leven, verzet hij zich tegen de passieve slachtofferrol (de scènes waarin György in zijn kampplunje als een schim ronddoolt in straten van Boedapest zijn minstens even schrijnend als de scènes in het kamp zelf). Eenvoudig gezegd, een mens die terugkeert van Auschwitz is geen mens meer, maar een Auschwitz-overlevende. En het is tegen dit gedachtengoed dat Imre Kertész zich verzet. Dat is al serieuze andere koek dan de fratsen van Roberto de clown.

En hoe zet de gereputeerde cinematograaf Lajos Koltai ('Malèna') dit rijkgelaagde epos in beeld? Met een bijna lyrische beeldvoering die vaak de poëtische perfectie benadert. Als kijker zit je daar dan al die grijze thematiek te ontleden, dan gaat Koltai het hele boeltje op een bijna immoreel prachtige manier in beeld brengen. Het is misschien ongehoord om de Holocaust met zoveel schoonheid in beeld te brengen, maar het past perfect bij de inhoud en de boodschap van Kertész. Het hallucinante hoogstandje bij uitstek is zonder meer de scène waarin de kampgevangenen urenlang in de modder en regen moeten rechtstaan tot ze als wiebelende zombie's nauwelijks meer op hun benen kunnen staan. Zelden kreeg een afschuwelijk tafereel zo'n poëtische benadering. Het kleurenpalet is al even indrukwekkend. Bij aanvang straalt 'Fateless' van de sfeervolle sepiakleuren, die echter steeds meer warmte verliezen naarmate de dodenkampen dichterbij komen, tot er niks meer overblijft dan een troosteloze zwart-wit-grijze fotografie die af en toe een fletse zonnestraal toelaat. En met de warme melodieën van Ennio Morricone op de klankband erbij, krijg je eigenlijk een film die, gezien de inhoud, veel te mooi is om naar te kijken.

Narratief gezien laat de film dan wel weer een paar steekjes vallen. Het eerste deel, het vertrek van de vader, is nogal basic en neemt eigenlijk iets teveel tijd in beslag. Omdat de focus steeds bij György en zijn ervaringswereld ligt, valt het grote middenstuk dan weer uiteen in vignetten die telkens met een dromerige fade to black worden uitgeblazen. Een verantwoorde keuze, maar zo'n structuur maakt het wel moeilijk om emotioneel betrokken te raken bij het verhaal, wat op zich al lastig is door de kurkdroge voice-over van György ('Bon, vanaf nu kan ik dus op elk moment, op elke plaats gedood worden, zo simpel is mijn leven geworden.' krijgen we tijdens een sleutelmoment te horen). Het zijn dus niet zozeer fouten, maar eerder keuzes die van de film een iets te afstandelijke kijkervaring maken. Het is aangrijpend maar niet 'hier loop ik twee weken emotioneel kapotgeslagen van'-aangrijpend.

'Fateless' deelt misschien niet dezelfde emotionele mokerslag uit als 'Schindler's List' en 'The Pianist', het blijft een pakkende toevoeging aan het Holocaust-canon met een verfrissende thematiek, sublieme fotografie en een indrukwekkende vertolking van nieuwkomer Marcell Nagy. Niet slecht voor een zoveelste Holocaust-film...

E-mailadres Afdrukken
 
Fateless
Hongarije -Duitsland-VK / 2005
Regie: Lajos Koltai
Scenario: Imre Kertész
Met: Marcell Nagy; Béla Dóra; Tibor Mertz; Áron Dimény; Daniel Craig
Duur: 138 min.


Advertentie
Banner
Advertentie

TEST