Banner

The Fast and the Furious

Tokyo Drift

3.0
Peter De Backer - 28 juli 2006




Een kleine bekentenis: Ik heb zowel genoten van 'The Fast and the Furious' als van de ongelooflijk clever getitelde sequel, '2 Fast 2 Furious'. En neen, ik ben geen autofreak die tijdens het weekend de binnenwegen onveilig maakt met een opgefokte racemachine terwijl naast mij een kortgerokte blondharige del mascara-prut uit haar ogen zit te wrijven. Jammer maar helaas, ik val op bruinharige dellen. Neen, ik heb het geluk gehad om beide films in benevelde toestand te mogen aanschouwen. En laat ik u zeggen, in zo'n toestand wordt de filmsnob in mij compleet overgenomen door een craplover die stiekem Bruckheimer-films steelt bij zijn lokale videotheek. Het is voor mij dan ook een grote eer om dit kroonstuk van de nu al boven zichzelf stijgende franchise te mogen bespreken. Met het oog op een diepgaande analyse (Wordt de homo-erotische subtext behouden nu zowel Vin Diesel als Paul Walker niet meer meedoen? Wat gebeurt er wanneer de Amerikaanse race-cultuur geconfronteerd wordt met de Japanse? En hoeveel jonge deernen verlagen zich in dit deel tot onder het niveau van ordinaire stoephoer?), had ik me voorgenomen om de film nuchter te bekijken. Een merkwaardig experiment, want zonder ook maar één druppel alcohol aan te raken kreeg ik alweer een joekel van een kater op m'n dak, en deze keer moest ik zelfs niet wachten tot de volgende ochtend!

De plot kan gemakkelijk gereduceerd worden tot een simpel 'vroem vroem vroem', maar speciaal voor de lezers ben ik dan toch op zoek gegaan naar iets dat ook maar lijkt op een verhaal. Sean Boswell (Lucas Black, ooit nog het kleine ventje tegenover Billy Bob Thornton in 'Sling Blade', nu een trotse patser met een vettig redneck-accentje) is een relschopper. Nadat hij zowat een halve bouwwerf in de vernieling heeft gereden tijdens een straatrace wordt hij het land uit gestuurd om bij zijn vader in Tokyo wat manieren te leren. De kwibus loopt er nog geen dag rond of hij staat al op een parking te geilen op de georganiseerde straatraces. Hij daagt een gemeen kijkende Japanner uit voor een race en rijdt alweer een machine compleet in de vernieling. In Tokyo doen ze namelijk aan 'drifting', een kunstje waardoor je zo beheersd mogelijk je auto kan laten glijden en slippen, en dat heel handig is in de smalle bochten van zo'n parkeergarage. Onder de vleugels van Han (Sung Kang), een kleine crimineel, leert Sean driften om zo respect en geld te verdienen op de straten van Tokyo. Wanneer hij aanpapt met het liefje van een neef van een yakuza-baas, loopt het echter fout en zal hij zijn racetalent moeten gebruiken om zijn leven te redden.

Clevere mannen, de makers van deze 'Tokyo Drift'. Na twee race-avonturen in Amerika, verhuist de setting naar Japan en wordt de film een stuk commercieel aantrekkelijker op de internationale markt. Voeg daar dan nog eens een trouw doelpubliek aan toe en je krijgt een product dat de oogjes van Hollywoodbonzen spontaan in dollartekentjes doet veranderen. Vanuit commercieel oogpunt is deze 'Toky Drift' dus een stuk slimmer dan je zou vermoeden. En de film zelf? Wel, die is dan weer een stuk dommer dan je zou verwachten.

'The Fast and the Furious'-films zijn idiote nonsens - de eerste was genietbare nonsens, de tweede was dat niet (tenzij je een half café hebt leeggezopen). De derde, waar ook Paul Walker geen zin meer in had, valt qua fungehalte ergens tussen de eerste twee. 'Tokyo Drift' weet op zijn beste momenten de pretentieloze fun te brengen die de eerste film sporadisch leuk maakte. Stoere mannen die een grote bek tegen elkaar opzetten, racen om de grootte van hun lul te bewijzen en ondertussen een lekkere griet binnendraaien als het wat meezit. En aanvankelijk is dat ook hetgene wat we hier te zien krijgen. Een openingsrace met als inzet een blond wicht is opwindend en knap in elkaar gestoken, en de loeiharde muziek van Kid Rock, wel, die is gewoon irritant als de pest. Wanneer een achtervolging uitloopt op een druk kruispunt en de racers driften tussen de mensenmassa krijgen we nog zo'n opwindende uitschieter. Een klein uurtje lang is 'Tokyo Drift' dus best te pruimen voor wat het is: luid en onnozel amusement. Maar daarna had ik het wel gehad met de debiliteit, en geef toe, een klein uur nog half kunnen genieten van een lang uitgesponnen MTV-clip met blinkende auto's, opgepompte ego's en irritante beats is een prestatie op zich (of een teken van slechte smaak, natuurlijk). Zeker wanneer er een min of meer serieuze plot met gangsters wordt toegevoegd is het gedaan met lachen (hoewel Sonny Chiba als mobster in wit maatpak, gleufhoed en dikke sigaar een hilarisch zicht is). Er zijn grenzen aan onnozelheid, en na een uur vliegt 'Tokyo Drift' er tegen 200 per uur over.

Wat betreft de personages, tja… wat kan ik zeggen? Lucas Black is een soort kruising tussen de stoere Vin Diesel en de surfer van Paul Walker en moet eigenlijk niet veel meer doen dan lefgozerpraat verkopen en af en toe een idiote grijns uit zijn mondhoeken sleuren. Met een beetje verbeelding (best die andere helft van het café leegzuipen), zet hij eigenlijk een 'Fast & Furious'-versie neer van wat Bill Murray deed in 'Lost in Translation', en op die momenten werd de cinefiel in mij dan toch nog getrakteerd op wat binnenpretjes. Is het goed geacteerd? Nauwelijks, maar wat verwacht je met dit soort materiaal. De bijrollen bestaan dan weer uit karikaturen en stereotiepen: de Afro-Amerikaanse sidekick, de gemene Japanner die in een zwart onderlijfje een pruimgezicht staat te trekken, de mentor en het meisje dat veroverd moet worden. Als extra decor krijgen we ook nog een uitzinnige bende Japanse grietjes (meestal gekleed in zo'n sletterig pornofilm-schooluniformpje) die staan te huppelen tussen de felgekleurde race-auto's. In dit wereldje staan de opgefokte wagens duidelijk hoger op de waardenschaal dan vrouwen.

'Tokyo Drift' is dom, luid en seksistisch. Maar wat maakt het ook uit, het doelpubliek zal er naar gaan kijken, de broek volspuiten, bevredigd de zaal verlaten en over een paar maanden de dvd kopen. De races zijn snel en opwindend en er lopen genoeg goedkope juffrouwen in beeld om de pubers wekenlang natte dromen te bezorgen. En zo'n film kan niet helemaal slecht zijn, toch?
E-mailadres Afdrukken
 
The Fast and the Furious
USA / 2006
Regie: Justin Lin
Scenario: Chris Morgan
Met: Lucas Black; Nathalie Kelley; Bow Wow; Brian Tee; Sung Kang; Sonny Chiba
Duur: 104 min.


Advertentie
Banner
Advertentie

TEST