Banner

Enron

The Smartest Guys in the Room

8.0
Dennis Van Dessel - 20 januari 2006




Ergens halverwege deze documentaire, moest ik plotseling denken aan Tom Wolfe's roman 'The Bonfire of the Vanities' (en vooral niét aan die vreselijke film die ze daarvan gemaakt hebben). In één van de eerste hoofdstukken van dat boek ontmoeten we Sherman McCoy, aandelenmakelaar op Wall Street, die zichzelf heimelijk een meester van het universum noemt. Hij zal het nooit hardop zeggen, maar hij is het die in de de driver's seat van de wereld zit: miljoenen gaan elke dag door zijn vingers, het geld waarop het land, de hele economie draait. In de praktijk doet hij weinig anders dan telefoontjes plegen en toetsen indrukken op een computer, groene cijfertjes vertegenwoordigen zijn macht, maar het gevoel is er niet minder sterk om. Hij is de generaal van een fictief leger van winstmarges en percentages, en voelt zich de Patton van zijn vakgebied. Iets gelijkaardigs moet in het hoofd van de bonzen van Enron hebben gespeeld: jarenlang was het bedrijf één van de meest succesvolle van de VS, de aandeelprijzen swingden de pan uit en de bazen zagen zelfgenoegzaam dat het goed was. Ze waren bij de grootste jongens van de Amerikaanse financiële wereld.

Tot in 2001, op nauwelijks een maand tijd, het bedrijf failliet ging. Plotseling doken er allerhande indianenverhalen op over grootschalige fraude en illegale praktijken allerhande. Enron, dat oerdegelijk bedrijf waar alle andere jaloers op waren, bleek al jarenlang zo goed als bankroet te zijn. Terwijl de hoge omes tijdig hun aandelen verkochten en met honderden miljoenen dollars wegkwamen, verloren hun werknemers alles in het faillissement - we krijgen een man te zien wiens pensioenplan ooit $ 248.000 waard was. Nadat Enron in elkaar stortte, bleef hij achter met 1.200 miezerige dollars. Het verhaal van Enron was één van de grootste schandalen die de financiële wereld ooit gekend heeft, en nu heeft Alex Gibney een fascinerende documentaire gemaakt, die op een opvallend heldere manier inzicht biedt in de smerige deals waar het bedrijf zich jarenlang mee bezighield.

Enron werd in 1985 opgericht als een energiebedrijf dat elektriciteit en aardgas leverde binnen de VS. Directeur was Kenneth Lay, een man die al jaar en dag in het oliewezen actief was en nauwe contacten onderhield met zowel vader als zoon Bush. In '87 kwam Enron voor het eerst in opspraak, toen bleek dat twee werknemers hadden gehandeld met voorkennis: Louis Borget en Thomas Mastroeni hadden contact met belangrijke figuren in Saudi-Arabië en Koeweit, wat hun oliehandel uiteraard geen kwaad deed. Lay werd hiervan op de hoogte gesteld, maar in plaats van de twee terug te fluiten, stuurde hij hen een memo: "Keep making millions for us."

Van daaruit werd het enkel erger: Jeff Skilling, Lay's rechterhand, introduceerde het begrip mark to market om Wall Street een vertekend beeld te geven van hoe Enron er financiëel eigenlijk voorzat. Mark to market betekent dat je voor elk fiscaal jaar niet de winst aangeeft die je effectief hebt gemaakt, maar wel de winst waar je zicht op hebt voor volgend jaar. Je sluit een deal voor vijftig miljoen dollar en hop, je geeft die vijftig miljoen aan als winst. Ondertussen heb je nog geen geld gezien, natuurlijk, maar de waarde van je aandelen gaat wel de hoogte in. In werkelijkheid lekte Enron langs alle kanten geld: centrales werkten niet, een plan om via het internet films te verdelen mislukte, deals sprongen af... Maar op papier was het een kerngezond bedrijf. Uiteindelijk moest Lay er economisch Wunderkind Andrew Fastow bijhalen, die een resem nepbedrijven oprichtte waar de verliezen van Enron naartoe geboekt konden worden. Typerende naam voor zo'n bedrijf: M. Yass.

De schandaligste marktmanipulatie vond echter eind jaren negentig plaats, toen Enron een fictieve energiecrisis creëerde in Californië. Hey, het bedrijf had geld nodig, dus wat doe je dan? Je belt je centrales in Californië op om te zeggen ze gerust een creatieve reden mogen bedenken om een deel van hun installatie plat te leggen. Gevolg: de staat heeft te weinig elektriciteit. Gevolg: Enron kon de gewone consument doen betalen tot ze blauw zagen voor elektriciteit die in werkelijkheid meer dan genoeg aanwezig was, als het bedrijf de kraan maar weer open wilde draaien. Indirect gevolg daarvan: Democratisch gouverneur Gray Davis werd afgezet omdat hij het probleem niet snel genoeg kon oplossen en Republikein Arnold Schwarzenegger volgde hem op.

Uiteindelijk moest dat schip natuurlijk ten onder gaan: bijna twintig jaar lang was Enron een facade geweest, waarachter enkel corruptie schuilging. Het bedrijf was de illusie van grootsheid, meer niet. Lay, Skilling en Fastow, de slimste jongens van de klas, hadden een groot deel van hun aandelen al verkocht zo gauw ze de bui zagen hangen, terwijl ze hun werknemers bleven verzekeren dat alles fantastisch ging. De werknemers van Enron hadden aandelen in het bedrijf, hun pensioen hing af van de financiële gezondheid ervan. De ondergang ging zo verdomd snel dat ze niet de tijd kregen om te reageren en voor ze het wisten, waren ze alles kwijt.

Alex Gibney's film is opvallend effectief in het vertellen van zo'n complex verhaal. Dit is ingewikkelde materie, zeker als je zelf geen econoom bent, maar Gibney ontwikkelt knappe filmische methodes om zijn kijkers georiënteerd te houden. Hij plakt zijn interviews op een weldoordachte manier aan elkaar: telkens wanneer één van de betrokkenen een kleurrijke metafoor gebruikt om de situatie te schetsen, maakt Gibney er een punt van om die in z'n film op te nemen. Op een bepaald moment horen we: 'Op de Titanic had de kapitein tenminste het fatsoen om ten onder te gaan met het schip. Bij Enron staken de kapiteins eerst hun zakken vol, om vervolgens op de eerste reddingsboot te springen en naar de passagiers te roepen: "Alles komt in orde!"' Kijk, bij dàt soort vergelijkingen kun je je dus iets voorstellen. En ook gebruikt de regisseur visuele motiefjes om alles duidelijk te houden. Het concept mark to market zal voor de meeste kijkers maar weinig betekenen, maar telkens wanneer de term gebruikt wordt, krijgen we eenzelfde shot van een computerklavier waar een anonieme hand druk cijfertjes op invoert. Elke keer dat we dat shot zien, weten we bijgevolg meteen waar het over gaat, ons visueel geheugen voert ons automatisch terug naar de eerste keer dat we het hebben gezien en de uitleg die er toen bijhoorde. Dat is knap filmmaken. Gibney weet van de wereld van high finance zowaar de setting te maken voor een boeiend menselijk drama.

Uiteindelijk gaat deze film over machtmisbruik. Geef mensen het vooruitzicht om een quasi ongelimiteerde hoeveelheid geld te verdienen en kijk toe hoe snel ethiek en moraliteit overboord gaan. Geef mensen het gevoel dat ze een meester van een universum zijn en ze gaan er garanti alles aan doen om dat universum zo snel mogelijk kapot te maken.
E-mailadres Afdrukken
 
Enron
USA / 2005
Regie: Alex Gibney
Scenario: Alex Gibney
Duur: 110 min.


Advertentie
Banner
Advertentie

TEST