Banner

Paradise Now

7.0
Dennis Van Dessel - 07 september 2005
altEén van de dingen waar films erg goed in zijn, beter zelfs dan literatuur, is in het humaniseren van bepaalde onderwerpen. Lees in een boek over een oorlog waarin miljoenen mensen gestorven zijn, en je zult dat vast wel erg vinden - maar zie er een film over en plotseling wordt de realiteit van die situatie veel dichterbij gebracht. Boeken helpen ons om een concept intellectueel te begrijpen, films om ze emotioneel te begrijpen. 'Paradise Now', gemaakt door de Nederlandse Palestijn Hany Abu-Assad, doet precies dat: de talloze verhalen over terroristen die zelfmoordacties uitvoeren in Israel en Palestina, krijgen hier een menselijk gelaat. De eeuwige vraag "wat gaat er door het hoofd van iemand die zo'n zelfmoordaanslag pleegt?", heeft allicht evenveel antwoorden als er dergelijke terroristen zijn, maar hier krijgen we in ieder geval een fascinerend voorbeeld van twee zulke gevallen. Als bijdrage aan het debat rond het onderwerp, is dat wellicht zinvoller dan wat honderd professoren in de politieke wetenschappen kunnen komen vertellen, al was het maar omdat het aan de theorie, aan de veredelde borrelpraat, voorbijgaat.

Said (Kais Nashef) en Khaled (Ali Suliman) zijn twee jeugdvrienden die aan de kost komen als garagist en in hun vrije tijd al wel eens graag aan een waterpijp lurken. Niets bijzonders dus, ware het niet dat ze ook contacten onderhouden met een radicale moslimorganisatie, die hen op een avond oproept om een zelfmoordaanslag te plegen in Tel Aviv. De twee vrienden zijn overtuigd van hun zaak, laten zich behangen met explosieven en trekken richting Israel. Maar eens ze de grens willen oversteken, worden ze verrast door een Israelische patrouille - Said en Khaled gaan op de loop en het nauwgezet uitgekiende plan van de Palestijnen valt in duigen.

altAbu-Assad maakt een goeie keuze door zijn personages aan het begin van de film niet meteen in een context van moslimfundamentalisme te plaatsen - we krijgen hen eerst te zien als doodgewone jongens, die werken, flirten met een jonge vrouw die haar auto komt laten repareren, en vervolgens terug naar huis gaan naar hun moeders. Dit zijn geen kwijlende gekken met een woeste blik in hun ogen. Dan wordt Khaled benaderd door Jamal (Amer Hlelel), een contactpersoon van de organisatie, en worden we eraan herinnerd wat precies het onderwerp van de film is - voor de rest van de prent zien we Said en Khaled niet als terroristen, moordenaars of monsters, maar als au fond goeie mensen die door omstandigheden tot de uiterste extremen gedreven worden.

Dat eerste half uur van de film is dus zeker en vast belangrijk, maar ook enigszins langdradig - wie hiernaar gaat kijken, zal wel weten waar het over gaat en Abu-Assad heeft net iets te veel tijd nodig om de voorbeschouwingen af te werken en aan het serieuze materiaal te beginnen. Eens hij dat doet, zijn we echter vertrokken voor een behoorlijk suspensevol laatste uur. We krijgen de rituelen te zien die aan de missie vooraf gaan: een uitgebreide was- en scheerbeurt, het inspreken van een videoboodschap voor hun nabestaanden en de wereld, een rijkelijk laatste avondmaal. De regisseur weet zelfs een sprankeltje humor in deze scènes te verwerken: terwijl Said z'n video maakt, valt de camera stil. Daarna, wanneer het filmen weer is begonnen, herinnert hij zich plots iets en onderbreekt hij z'n monoloog over de wraak van Allah om te zeggen: "Oh ja, moeder, ik heb die waterfilters goedkoper zien staan in de winkel." Hey, waarom niet, dat is menselijk. Ik heb het altijd al fascinerend gevonden wanneer films tonen hoe iets praktisch in z'n werk gaat. Je hoort altijd over die zelfmoordaanslagen, maar hoe gaat dat nu eigenlijk, hoe gaan die mensen daar zelf mee om, hoe komen ze grens over, hoe kiezen ze hun doelwit, wat zijn precies de mechanismen van zo'n actie? Abya-Assad toont ons dat, zonder daarom de menselijkheid van z'n personages te vergeten.

Het is cru om het zo te zeggen, maar in feite zitten we vanaf dat moment naar een film te kijken rond de vraag: "ontploffen ze of ontploffen ze niet"? Los van de politieke inhoud, is dat al voldoende om van 'Paradise Now' een spannende thriller te maken, maar natuurlijk is er in dit geval nog heel wat meer gaande.

altAbu-Assad heeft hier een pro-Palestijnse film gemaakt (dat zal hij zelf allicht ook niet kunnen of willen ontkennen), die beargumenteert dat heel wat Palestijnen naar extreme maatregelen grijpen vanuit een mengeling van frustratie om de bezetting door de Israelieten en het naïeve geloof in de leugens die hen door extremisten worden aangepraat. Jamal, de contactpersoon voor de terroristische organisatie (die nooit met naam genoemd wordt), doet zich voor als een toonbeeld van beminnelijkheid, maar hij manipuleert zijn zelfmoordenaars schaamteloos. Wanneer Said en Khaled hem vragen wat er gebeurt nadat ze zichzelf hebben opgeblazen, zegt hij zonder blikken of blozen: "Wel, dan komen twee engelen jullie halen. Geen enkel probleem." 'Paradise Now' is pro-Palestijns, maar rabiaat anti-extremistisch in z'n afschildering van de terroristen, die hun kanonnenvoer zoeken onder de armen, de bitteren, de ongeduldigen en hen een plastic sleutel naar het paradijs beloven indien ze zichzelf zinloos opofferen. Het geloof van Khaled en vooral Said in hun eigen heldenstatus en in hun triomfantelijke aankomst in het paradijs na hun dood, is absoluut en is het gevolg van een leven in een permanente oorlogszone, waar termen als winst of verlies betekenisloos zijn geworden - het enige waar je je nog aan kunt vasthouden wanneer je vastzit in een eindeloze oorlog, is aan het geloof dat God aan je kant staat. Wat heb je anders nog, als je die oorlog onmogelijk nog kunt winnen? Jamal en de zijnen spelen daarop in, buiten die radeloosheid uit - zelf zullen ze geen bommen aan hun lijf hangen.

De regisseur is soms iets te nadrukkelijk in het doordrijven van zijn politieke en ideologische agenda. We krijgen één personage, Suha, de vrouw waarmee Said en Khaled wel eens flirten, die vrijwel uitsluitend wordt geïntroduceerd om de standpunten van de filmmaker te verkondigen. Tijdens een scène in een auto naar het einde van de film toe, steekt ze een monoloog af over hoe het absoluut noodzakelijk is om niet-gewelddadige manieren van verzet te vinden, en uiteraard heeft ze gelijk. Maar op dat moment horen we de regisseur spreken, niet dat personage - een personage dat voor het overige maar bitter weinig reële impact heeft op de plot.

Hoe het ook zij, Abu-Assad heeft een suspensevolle thriller gemaakt én een boeiende beschouwing over een belangrijk onderwerp. De mens achter de ontploffing, als het ware. Waarvoor mijn respect.
E-mailadres Afdrukken
 
Paradise Now
F-D-NL-P / 2005
Regie: Hany Abu-Assad
Scenario: Hany Abu-Assad; Beno Beyer; Pierre Hodgson
Met: Kais Nashef; Ali Suliman; Lubna Azabal; Amer Hlelel
Duur: 91 min.


Advertentie
Banner
Advertentie

TEST