Banner

The Aviator

9.0
Dennis Van Dessel - 26 januari 2005

De meest spectaculaire scène uit 'The Aviator', Martin Scorsese's nieuwste, toont hoe filmmaker en vliegenier Howard Hughes neerstort in voorstedelijk Beverly Hills met een zelfontworpen vliegtuig. Een uur en drie kwartier lang was hij de snelste mens ter wereld, maar op een kwestie van seconden ging die triomf verloren in een furie van metaal, glas en steen. De vleugels van het toestel sneden door de daken van de woonsten heen als door boter en tegen de tijd dat het ding eindelijk stil kwam te liggen, was er van Hughes zelf nog maar nét genoeg over om 'm terug op te kunnen lappen met zes maanden revalidatie. Die scène vat in feite het hele leven van Hughes samen: een man die steeds gekkere risico's nam om z'n obsessies waar te maken. Hij wilde de snelste vliegtuigen ter wereld bouwen, de beste films maken. Zijn ambities werden steeds waanzinniger, tot hij niet anders kón dan ten onder gaan. Hughes' uiteindelijke crash was echter mentaal in plaats van fysiek: van jongsaf leed hij aan smetvrees, en na verloop van tijd ging zijn fobie zo'n extreme vormen aannemen dat hij niet meer kon functioneren. De laatste 20 jaar van zijn leven sloot hij zichzelf op in een steriele hotelkamer in Las Vegas, een kluizenaar die panisch was voor microben.

De Hughes die we in deze film ontmoeten, is echter aanvankelijk een levenslustige jonge avonturier, die van Texas naar Hollywood is gekomen om er een carrière als regisseur op te bouwen. Met het geld dat hij erfde van zijn vader, begint hij aan de productie van 'Hell's Angels', een film over vliegeniers tijdens de Eerste Wereldoorlog. Het maken van de prent neemt drie jaar in beslag en kost vier miljoen dollar, een hallucinant hoog bedrag voor die tijd - maar Hughes bewijst z'n punt: hij heeft de spectaculairste film gemaakt die de wereld ooit heeft gezien.
Vanaf dat moment zien we Hughes keer op keer dat soort van risico's nemen: hij was een man die grootse dromen had en genoeg cash om althans te proberen die dromen waar te maken. Hij wilde een internationale vliegmaatschappij oprichten, ook al moest hij alles hypothekeren dat hij had. Hij wilde een immens vrachtvliegtuig, de 'Hercules', in elkaar steken, ook al dreef het hem tot op de rand van het faillissement. Hij moest en hij zou de borsten van Jane Russell laten zien in zijn prent 'The Outlaw', ook al stond de hele censuurcommissie op z'n kop. En tussen de bedrijven door beleefde hij ook nog romances met Katharine Hepburn, Ava Gardner en andere schoonheden. Alles aan hem was bigger than life, en met 'The Aviator' heeft Scorsese de man een waardige film gegeven - de verleiding moet groot zijn geweest om van dit bizarre levensverhaal een eenvoudige karikatuur te maken, over een man die zichzelf opsloot in een kamertje en nooit buitenkwam. Maar wat Scorsese doet, is veel interessanter: hij toont ons de tragedie van een man die grootsheid in zich heeft, maar toch onvermijdelijk, langzaam maar zeker wegzinkt in z'n eigen waanzin. Genialiteit en waanzin gaan niet alleen samen - soms zijn ze identiek aan elkaar. Scorsese, zelf geen klein beetje neurotisch, wéét hoe hij dit verhaal moet vertellen en hij doet dat op een soms briljante manier.


Ten eerste maakt hij al een goeie keuze door slechts één bepaald segment van Hughes' leven te verfilmen: alle biopics hebben te lijden onder het feit dat er enorm veel informatie op een zeer beperkte tijd moet worden getoond. Het resultaat is dat je vaak oppervlakkige films krijgt, maar door de tijdsspanne van 'The Aviator' te beperken tot 20 jaar (van 1927 tot 1947), weet Scorsese een zeer overtuigend, samenhangend beeld van de man te scheppen zoals hij op dat moment was. Tegen het einde van de film hebben we het gevoel dat we hem kénnen - de volkomen mentale ondergang van de toekomst hangt hem nu al boven het hoofd, en je kunt niet anders dan medelijden met hem hebben.

'The Aviator' duurt bijna drie uur, maar vliegt voorbij - samen met z'n vaste editor, Thelma Schoonmaker, houdt Scorsese het tempo van z'n prent zeer nauwkeurig in de hand. De reden waarom de film zoveel korter lijkt dan z'n eigenlijke speelduur, is omdat er àltijd wat te beleven valt, ook tijdens de meest eenvoudige dialoogscènes. Ofwel is het één van de steadicamshots waar Scorsese zo goed in is, ofwel is het de manier waarop de kleuren werden gemanipuleerd om de indruk te wekken dat we naar een ingekleurde zwart-witfilm uit de jaren veertig aan het kijken zijn. Maar er is altijd wel iéts dat opvalt, dat de aandacht vasthoudt. Tijdens de actiescènes is het helemaal smullen: de tournage van 'Hell's Angels' is zo opwindend in beeld gebracht dat je bijna wil wegduiken voor de aanstormende vliegtuigen.

Voeg daar nog aan toe dat er uitstekend geacteerd wordt: Leonardo DiCaprio is geloofwaardig als de jonge, avontuurlijke Hughes, maar geweldig als de oudere, neurotische versie. Dit is zijn beste rol sinds 'The Basketball Diaries'. Cate Blanchett weet Katharine Hepburn op zeer mooie wijze tot leven te wekken - het verschil tussen de beide actrices vervaagt na een tijdje zodanig dat je het verschil nauwelijks nog merkt - en John C. Reilly is betrouwbaar als altijd in de rol van Noah Dietrich, Hughes' rechterhand. Wat DiCaprio en Blanchett hier presteren, is oscarmateriaal. DiCaprio heeft een sequens van ongeveer twintig minuten waarin hij zichzelf opsluit in een projectiekamer, ten prooi aan z'n neuroses - zijn acteerprestatie, en de koortsachtig gedreven regie van Scorsese, maken van deze twintig minuten een huzarenstukje dat op zichzelf de trip naar de cinema al de moeite maakt.

Toch punten van kritiek: zo komen we over de motivaties van Hughes' smetvrees uiteindelijk maar weinig te weten. Scorsese last een korte beginscène in uit zijn jeugd, waarin zijn moeder hem waarschuwt voor ziektes, maar die is er eigenlijk alleen voor de vorm - niemand weet waarom Hughes was zoals hij was. Ik veronderstel dat het Scorsese's job niet is om àlles uit te leggen - sommige dingen hebben geen verklaring - maar dan had hij die flauwe freudiaanse onzin ook achterwege moeten laten. Ook de slotscènes zijn een beetje bedrieglijk: we zien Hughes een glansprestatie neerzetten voor een overheidscommissie die hem beschuldigt van fraude. De kluizenaar heeft zichzelf gefatsoeneerd en wint zijn strijd. Vervolgens slaagt hij erin om de Hercules, zijn gigantische vliegtuig, de lucht in te krijgen, waarmee hij alle sceptici voorgoed het zwijgen oplegt. Allemaal goed en wel, maar de Hercules heeft in z'n hele loopbaan maar één mijl gevlogen - het ding ging de lucht in, maar dat was het hooguit een Pyrrhusoverwinning. Het lijkt wel alsof Scorsese bang was om té negatief te eindigen en daarom die scènes gebruikte, terwijl de waarheid veel somberder was.

Nuja, dat alles doet er maar weinig toe. 'The Aviator' toont in ieder geval hoe Martin Scorsese op z'n 62ste zonder twijfel de beste levende Amerikaanse filmmaker is, een man die ondanks z'n leeftijd nog evenveel energie en gedrevenheid toont als eender welke jonge hond van de nieuwe generatie. Dit is een geboren regisseur, die hiermee nog maar eens bewijst dat intelligentie, diepgang en toch opwindende cinema perfect samen kunnen gaan.

http://theaviatormovie.com/
E-mailadres Afdrukken
 
The Aviator
USA / 2004
Regie: Martin Scorsese
Scenario: John Logan
Met: Leonardo DiCaprio; Cate Blanchett; John C. Reilly; Alec Baldwin
Duur: 170 min.


Advertentie
Banner
Advertentie

TEST