Banner

De Kus

4.0
Dennis Van Dessel - 16 november 2004




Nu het jaar onzes heren 2004 zich langzaam maar zeker naar de eindmeet sleept, krijgt de Vlaamse cinema nog één kans om zich te revancheren, na Rudolf Mestdagh's hopeloos ambitieuze, hopeloos gestileerde, maar bovenal gewoon hopeloze 'Ellektra' en na Lieven Debrauwers absoluut niet voor consumptie geschikte 'Confituur'. 'De Kus' is de eerste lange film geregisseerd door actrice Hilde Van Mieghem, en dat valt eraan te merken: de goeie bedoelingen vliegen je rond de oren, de passie die de makers voelden voor dit project spat van het scherm, maar als puntje bij paaltje komt kun je je niet van de indruk ontdoen dat dat heilig vuur waar Van Mieghem en co door gegrepen waren, hier en daar best vervangen had mogen worden door een beetje meer verstand.

Marie Vinck, in het echte leven de dochter van Van Mieghem, speelt Sarah, een meisje van net geen zestien dat ervan droomt om danseres te worden. Haar vader (Jan Decleir) is een schaduwfiguur die gewoonlijk van huis weg is voor zaken, haar moeder (Van Mieghem zelf) een continu hysterische trien die haar dochter regelmatig een flink pak meppen geeft. Op die manier blijft Sarah alleen achter om voor haar broertje en zusje te zorgen én om onderweg haar eigen ambities niet te vergeten. Dan op een dag, maakt ze kennis met de veel oudere Vic (Fedja Van Huêt, ooit nog de hoofdacteur in het fantastische 'Karakter', samen met Decleir). Vic is knap, charmant en betoont Sarah meer aandacht dan ze thuis ooit heeft gekregen. Als kijker begrijpen we echter al van bij Vics eerste scheve grijns dat hij niets goeds in de zin heeft, en inderdaad - de enigmatische Nederlander met de hondenogen en de mooie praatjes blijkt een ordinaire pooier te zijn, die zijn hoertjes wel eens hardhandig durft aanpakken.

Dat gegeven - onschuldig, ongelukkig meisje wordt verleid door de verkeerde man - is niet nieuw, maar er valt nog altijd wel een interessante film uit te persen. Centraal staat immers de wens om aan je eigen leven te ontsnappen, een verlangen zo intens dat je eender wat, eender wie zou geloven die je de kans biedt om dat te doen. Zelfs de meest voor de hand liggende leugens, uitgesproken door mensen waarvan iedereen met ogen in z'n kop vanop een kilometer afstand ziet dat ze niet deugen. Dat is een gegeven waar je met recht en rede een film rond kunt opbouwen, waarom niet? Alleen is er in de overgang van concept en thematiek naar scenario het één en ander misgelopen.

Hilde Van Mieghem, ook verantwoordelijk voor het script, kiest er immers voor om elk plotpunt en alle karaktertekeningen zeer nadrukkelijk in het gezicht van de kijker te plakken. Hoe nadrukkelijk? Wel, tijdens de eerste scène wordt de moeder van Sarah geïntroduceerd door het hoofd van haar dochter tegen het keukenaanrecht te meppen. We weten dat Vic niet deugt, aangezien hij, na teder afscheid te hebben genomen van Sarah, een limousine instapt en een toch al bont en blauw geslagen hoertje nog wat verder begint in elkaar te rammen. De eenzaamheid van Sarah zelf moeten we niet afleiden uit haar gedragingen of uit de manier waarop ze reageert op de wereld om haar heen, nee, het meisje vertelt het ons letterlijk, tijdens een dialoog met Vic aan het begin van de film. Keer op keer neemt Van Mieghem de kijker op die manier het werk uit handen - we moeten niet op zoek gaan naar wie die personages zijn, we moeten niet persoonlijk ons oordeel over hen vellen, het wordt allemaal voor ons gedaan. Alsof de regisseuse continu knipoogt naar de kijker en zegt: 'Voor het geval je nog niet begrepen mocht hebben waarom Vic een smeerlap is, volgt er nu nog maar eens een scène waarin hij een hoertje in elkaar trapt.' Het leuke aan een goeie film is dat je als toeschouwer actief betrokken raakt bij het gebeuren - je wilt meer te weten komen over die personages en hun situaties. Hier is er geen enkele reden om betrokken te raken. Alles wordt je tóch wel drie, vier keer met de paplepel ingegeven.

Apart daarvan blijven de personages van Sarah's ouders zeer wazige figuren, die met de wind mee lijken te draaien. Natuurlijk is het positief wanneer personages evolueren over de loop van de film, en natuurlijk gedragen mensen in het echte leven zich ook niet altijd helemaal logisch, maar de karakters van Van Mieghem en vooral Jan Decleir zijn ronduit raadselachtig in hun stemmingswisselingen. Tijdens een vroege scène - de beste in de hele film, trouwens - zien we Decleir teder, lief zijn dochter in z'n armen nemen. Hij is geen slechte vader, hij houdt van z'n dochter, maar hij kan het alleen niet goed tonen. Vergelijk die minzame, goedbedoelende man even met de halve gek die we aan het einde van de film te zien krijgen. Net zo is de Hilde Van Mieghem die haar dochter een pak rammel geeft, niét dezelfde Hilde Van Mieghem die aan het einde met Sarah naar het ziekenhuis gaat. Dat personages evolueren is prachtig. Dat ze af en toe iets onvoorspelbaars doen - alla. Maar in het geval van 'De Kus' is elke vorm van motivatie voor die soms extreme wisselingen van scène tot scène in de karakters van Sarah's ouders volkomen zoek.

Voor de bizarre wendingen hoef je jezelf niet eens te beperken tot de gedragingen van de personages - de plot zelf maakt pakweg een kwartier voor het einde ook een fikse bocht. Ter elfder ure besluit de regisseuse om aldus en alsnog een thrillerelement in haar verhaal te introduceren, wat wilt zeggen dat Sarah zich plotseling ontpopt tot een geslepen intrigante die sluwe plannetjes verzint om haar kwelgeest af te straffen. En ik geloof daar dus niks van. Een meisje dat in dergelijke mate door een man mentaal en fysiek mishandeld is geworden, gaat die man vervolgens niet opzoeken om hem in een zelfontworpen hinderlaag te lokken.

Goed nieuws is er echter ook: de acteurs, met Marie Vinck op kop, leveren soms prachtig werk. Het meisje waait met ongelooflijk veel naturel over het scherm en weet zelfs de meest extreme emoties een gevoel van vanzelfsprekendheid mee te geven. Neem bijvoorbeeld die éne scène tussen haar en Jan Decleir, een briljante scène waarin alles gewoon helemaal goed zit. Sarah is aan het huilen, haar vader probeert haar te troosten. In tegenstelling tot heel wat andere momenten in de film, zijn de dialogen ditmaal volstrekt gepast voor de situatie. Let op de manier waarop Vinck niet alleen geloofwaardig kan huilen terwijl ze haar dialogen zegt (op zichzelf al niet gemakkelijk), maar vooral ook op haar lichaamstaal. De manier waarop ze zich klein maakt in de armen van haar vader, de manier waarop ze met de knopen van z'n hemd begint te spelen. Het zijn die kleine dingen die een acteerprestatie tot leven roepen en Vinck weet in scène na scène dat soort van kleine nuances te leggen.

'De Kus' is een film met een boeiend concept, goeie acteerprestaties en hier en daar een scène die er met kop en schouders bovenuit steekt, zoals die tussen Vinck en Decleir. Maar bovenal is het een prent waarvan het scenario een flinke poetsbeurt nodig heeft, om het geheel wat subtieler te maken en de inconsistenties in de personages eruit te halen. Goed geprobeerd, zeggen we dan.
E-mailadres Afdrukken
 
De Kus
B / 2004
Regie: Hilde Van Mieghem
Scenario: Hilde Van Mieghem
Met: Marie Vinck; Fedja Van Huêt; Hilde Van Mieghem; Jan Decleir; Ides Meire; Els Dottermans
Duur: 99 min.


Advertentie
Banner
Advertentie

TEST