Banner

Confituur

1.0
Dennis Van Dessel - 20 oktober 2004




Lieven Debrauwer is nog maar aan z'n tweede lange film toe, maar nu al zijn sommige mensen ervan overtuigd dat het nodig is om van zijn naam zowaar een adjectief te maken: wat het precies betekent om een film Debrauweriaans te noemen, daar zijn we nog niet helemaal uit, maar de termen "oubollig", "belegen" en "heikneuterig" zullen in ieder geval terug te vinden zijn in de definitie. 'Confituur' is alleen maar gemaakt voor die mensen die 'Pauline en Paulette' toch zó'n schoon filmke vonden - een middagvoorstelling van deze prent, dan een pateeke met koffie in de Fouquet's en 's avonds naar de nieuwe show van Helmut Lotti. Het leven kan mooi zijn, hoor ik deze mensen al van tussen hun vals gebit verzuchten. Jaja, maar laat mij erbuiten, alstublieft.

In feite heeft Debrauwer hier 'Pauline en Paulette' nog eens dunnetjes overgedaan: ditmaal treffen we Marilou Mermans aan als Emma, een huisvrouw die al jaar en dag getrouwd is met Tuur (Rik Van Uffelen), een schoenmaker die door het spuuglelijke decor schuifelt alsof hij auditie doet voor de sequel op 'Dawn of the Dead'. Nadat het hele dorp is komen opdagen voor "de jubilee" van Emma en Tuur (waarschuwing: deze feestelijkheden gaan gepaard met een optreden van de plaatselijke harmonie), besluit Tuur schijnbaar dat hij er genoeg van heeft. Nog terwijl zijn eega een eigenaarde kruising tussen de macarena en de vogeltjesdans staat uit te voeren in een nabijgelegen feestzaal, pakt de stoïcijnse man z'n biezen en vertrekt naar de woning van z'n zuster Josée (Chris Lomme), die hij sinds lang niet meer gezien heeft. Emma blijft alleen achter met Gerda (Viviane De Muynck), de andere zuster van Tuur, die vanuit haar oneindig ziekenbed alles en iedereen op een dictatoriale manier commandeert en schoffeert. Aanvankelijk is Emma verloren zonder haar man, maar gaandeweg ontdekt ze dat ze meer kan dan enkel potjes confituur maken. Voor het eerst in God weet hoeveel tijd neemt ze de controle over haar eigen leven weer in handen. Right on!

Laat hier niemand zeggen dat Lieven Debrauwer geen visuele stijl in z'n film kan leggen: oké, hij beweegt z'n camera nooit, oké, z'n kadreringen zijn over de hele lijn ongeïnspireerd en voor de hand liggend (typerende dialoog tussen Debrauwer en z'n chef camera: 'Waar zal ik 'm vandaag eens zetten, Lieven?' - 'Ach, zie maar dat het een beetje symmetrisch is en dat de koffiedame er niet over struikelt.' - 'Will do.'), oké, je krijgt de hele tijd lang de indruk dat je naar een pretentieus tv-programma zit te kijken, mààr, beste mensen, wat de sets en kostuums betreft heeft meneer Debrauwer een werkelijk uniek talent. Hoe kan het ook anders, als je er in slaagt om zo'n consequente politiek van kitsch en slechte smaak door te voeren? Het huis van Emma en Tuur is opgetrokken uit bloemetjesbehang, een toile cirée (zo'n plastic tafellaken) op de koffietafel, zware meubelen en sanseveria's voor de ramen. Dat van Josée is zo mogelijk nog hallucinanter: heel dat ding is namelijk opgetrokken uit schelpen, in die mate zelfs dat je op elk moment verwacht de kleine zeemeermin te zullen zien binnenlopen. Ik had de hele tijd zo'n beeld in m'n hoofd van Debrauwer die door z'n viewfinder keek, om dan te besluiten dat het nog nét niet lelijk genoeg was - 'Hebben we ergens nog iets liggen in bladgoud of met bloemen erop? Work with me, people!'

Dat allemaal om u een verhaal te vertellen over enkele personages die maar niet tot leven willen komen. Van Tuur komen we nooit te weten waarom hij nu eigenlijk van huis is weggelopen (hoewel, gezien het interieur waar hij al jarenlang in heeft moeten wonen, kunnen we ons beter afvragen waarom het zo lang geduurd heeft) - Rik Van Uffelen heeft nauwelijks tien woorden te zeggen in de hele film en wanneer hij dan toch in beeld komt, ziet hij er ronduit gedrogeerd uit. Gerda, de zieke zuster die in haar bed de hele wereld aan zich wil onderwerpen, is een karikatuur van een rotslecht karakter, die àl haar dialogen uit volle borst uitschreeuwt, tot je jezelf gaat afvragen waarom Emma al lang geleden niets in dat kreng haar eten heeft gedraaid om er een eind aan te maken. Josée wordt verondersteld lesbisch te zijn, denk ik, maar Debrauwer is natuurlijk een veel te braaf jongetje om die insinuaties enigszins tastbaar te maken - ze woont in ieder geval samen met een andere vrouw, maar in een film van deze regisseur zal elke vorm van erotische spanning waarschijnlijk altijd beperkt blijven tot handjes vasthouden en samen koffie slurpen. Blijft daar nog Emma zelf, van wie we enkel te weten komen dat ze over de loop van de film een zeker plezier in het leven herontdekt - het gevoel om eindelijk op eigen benen te staan, is bijzonder krachtig en we zijn getuige van de veranderingen in haar karakter, door de manier waarop ze naar het einde van de film toe, steeds breder gaat glimlachen. Dat is dan diepgang. Marilou Mermans doet moedig haar best om toch nog een geloofwaardig personage neer te zetten, maar wie kan er nu opboksen tegen een scenario dat zo trots is op z'n eigen oppervlakkigheid?

Een mens kan haast niet anders dan zich afvragen in wat voor parallel universum die Lieven Debrauwer eigenlijk leeft - zijn hele film speelt zich af in het één of ander dorpje waarvan we nooit méér te zien krijgen dan die éne straat waarin Tuur zijn schoenmakerij heeft. We horen andere personages met een gevoel van ontzag spreken over "'t stad" - aah, de grote stad, dat oord des verderfs, waar menselijke emoties niet meer bestaan en karren die zich voortbewegen zonder behulp van paarden kleine kindertjes omverrijden. Debrauwer moet er niets van weten - nee, dan liever de kleine winkel in het kleine dorpje, waar alles nog is zoals het hoort, waar de potten confituur nog met zo'n wit-rood geblokt lapje stof worden afgesloten en worden betaald met Belgische franken. Waar de sanseveria's voor de ramen staan, de pyjama's gestreept zijn en op zondag de harmonie komt spelen. Debrauwer, zelf pas 35, komt uit deze film naar voren als iemand die te jong is om zich "de goeie ouwe tijd" te herinneren, maar er wél constant over zit te memmen hoeveel beter die tijd was. Hilarisch hoogtepunt daarvan: Emma en haar dochter (Ingrid De Vos) die aan het strand bij zonsondergang een lieflijk ''k Heb de zon zien zakken in de zee' aanheffen.

Tom Barman, Erik Van Looy en Felix Van Groeningen maar proberen om de Vlaamse film een beetje schwung mee te geven, en dan krijg je dit hier binnen: een film die niet alleen zelf geen greintje schwung bevat, maar nog in staat zou zijn om iedere prent waarvoor dat wel het geval is, in de hoek te zetten en zonder eten naar bed te sturen. Laat ons eerlijk zijn: een nieuwe film van Lieven Debrauwer is zoiets als een voetbalmatch tussen Brecht en St. Job - er zullen vast wel mensen zijn die er graag naar gaan kijken, maar wie kan het uiteindelijk één reet schelen?

http://www.confituur.net/
E-mailadres Afdrukken
 
Confituur
B / 2004
Regie: Lieven Debrauwer
Scenario: Lieven Debrauwer; Jaak Boon
Met: Marilou Mermans; Rik Van Uffelen; Viviane De Muynck; Chris Lomme; Jaak Van Assche
Duur: 85 min.


Advertentie
Banner
Advertentie

TEST