Banner

Shaun of the Dead

6.0
Dennis Van Dessel - 09 augustus 2004




Eerst maar het slechte nieuws: 'Shaun of the Dead' heeft wellicht de flauwste titel van het jaar, een grap zo voorspelbaar en lamlendig dat je op de poster automatisch naar de namen Leslie Nielsen of Rowan Atkinson op zoek gaat. Het goede nieuws: dat is dan ook meteen de minst leuke grap van de hele film. Voor het overige weten de makers van de succesvolle Britse sitcom 'Spaced' een opvallend frisse, vaak erg geestige homage aan de zombiefilms van weleer in elkaar te steken - een komedie die intelligent genoeg is om nergens het masker te laten zakken en simpelweg toe te geven dàt het een komedie is. De acteurs van 'Shaun of the Dead' lopen door de film heen alsof ze denken dat het allemaal als een ernstige horrorprent bedoeld is, en dàt is wat het soms zo grappig maakt. Grote kunst kun je dit bezwaarlijk noemen, maar de prangende vraag: "Naar welke muziek luisteren zombies nu eigenlijk," krijgt op z'n minst eindelijk een antwoord, en dàt is alvast toe te juichen. Het antwoord is trouwens: Queen. Ik wíst het wel!

Simon Pegg speelt Shaun, een 29-jarige winkelbediende in een elektronicazaak wiens leven niet echt naar plan verloopt: zijn vriendin is hem beu, hij deelt een huis met een benepen boekhouder die niets anders doet dan zeuren én met een dikke luiaard, wiens hele wereld bestaat uit bier en videospelletjes. Dan, de dag nadat z'n vriendin hem definitief aan de kant zet, breekt een epidemie los die ervoor zorgt dat mensen die recent zijn gestorven terug tot leven komen en op jacht gaan naar mensenvlees. Je zult maar eens zo'n recent gestorven lijk zijn dat wakker wordt in een dichtgenagelde doodskist, drie meter onder de grond, denk ik dan. Maar goed.

Eens de stad onder de voet gelopen wordt door de levende doden, krijgt Shaun eindelijk een kans om zich te tonen voor de held die hij in z'n binnenste altijd al was. Samen met z'n walgelijke huisgenoot, z'n vriendin, twee van haar vrienden en zijn moeder, verschanst hij zich op die éne plek die hij nog beter kent dan z'n eigen huis en waar hij alle uitgangen kan controleren: zijn plaatselijke pub. Het is daar dat hij z'n laatste lijn van defensie zal trekken tegen de zombie's.

Veel filmparodieën, en dan voornamelijk die onzalige exemplaren genre 'Wrongfully Accused' en '2001: A Space Travisty', gaan zwaar de fout in door te proberen om een specifieke film te imiteren - scènes worden vaak haast letterlijk overgenomen, met hier en daar een woord of een nadruk veranderd voor komisch effect. 'Shaun of the Dead' trapt niet in die val: in plaats van één film te bespotten, bespot men hier een geheel genre en alle conventies die erbij horen. De onmiddellijke gedachten gaan allicht naar de remake van 'Dawn of the Dead', maar het werk aan 'Shaun' begon al lang vóórdat die nieuwe versie in de zalen kwam. Wat we hier krijgen, zijn daarentegen de standaard situaties uit het genre: de vlucht om familieleden en vrienden op te pikken, de gevaarlijke trip van de auto naar de schuilplaats, de onderlinge spanningen onder de overlevenden, de zombies die plots vanuit het niets opduiken en de finale confrontatie. Het scenario voor 'Shaun' zou in essentie gebruikt kunnen worden voor een reguliere horrorfilm, indien de dialogen en een aantal situaties veranderd werden. En dat feit maakt de film leuker: het is een griezelfilm die nog net één stap verder gaat zodat het grappig wordt. In tegenstelling tot de meeste Amerikaanse voorbeelden uit het genre, krijgen we niet de hele tijd vette knipoogjes van de regisseur en schrijvers om ons mee te delen dat het allemaal maar om te lachen is.

Bovendien weet men in 'Shaun of the Dead' gaandeweg tussen neus en lippen nog een paar rake opmerkingen te maken over de popcultuur en de manier waarop we ons allemaal langzaam maar zeker laten veranderen in zombies - wanneer Shaun aan het einde met een antiek geweer op de zombies begint in te schieten, wordt die scène rechtstreeks gelinkt aan videospelletjes. Een ander personage krijgt telefoon op z'n gsm, middenin een aanval van de levende doden. Een techniek om de zombies kapot te krijgen, is door ze te onthoofden, en onze helden vinden er niet beter op dan oude lp's naar hun kop te smijten: 'De soundtrack van 'Batman'?' - 'Gooien maar!' Dat soort van venijnige observaties keren met de regelmaat van een klok terug. 'Shaun of the Dead' een satirische film noemen, of beweren dat de prent iets fundamenteels te zeggen heeft over de invloeden van de massamedia, zou veel te veel eer zijn. Daarvoor heeft de film simpelweg te weinig ambitie - de steken onder water die we dan toch krijgen, lijken mij eerder bedoeld als extraatjes, om de prent wat interessanter te maken. Maar goed, ondertussen geven ze toch maar een zekere meerwaarde.

Een aantal scènes zijn ronduit briljant bedacht - zo krijgen we een Mexican stand-off waarin zowat alle resterende personages elkaar bedreigen met een voor de hand liggend wapen - in casu, een kapotgeslagen flesje of een kurkentrekker. En natuurlijk mijn persoonlijke favoriet: een uitgebreide vechtscène op de maat van Queens 'Don't Stop Me Now'. Zo krijgt dat nummer eindelijk nog eens een praktisch nut.

Helaas raken niet àlle grappen hun doel - Bill Nighy, nochtans de leverancier van die paar geestige scènes in 'Love Actually', loopt hier grotendeels verloren in een bijrol die maar weinig te betekenen heeft. En bovendien moet je opmerken dat regisseur Edgar Wright zich naar het einde van z'n prent in een hoekje heeft gefilmd: hij heeft z'n personages in precies dié clichématige, obligatoire situatie geplaatst waar ze in eender welke normale horrorversie van de film óók terecht zouden zijn gekomen: er zijn nog een paar overlevenden van de oorspronkelijke groep waarmee we begonnen zijn, die bevinden zich in een zeer beperkte ruimte en ze zoeken een manier om te ontsnappen. Hoe moet Wright zich uit die situatie wurmen, wat voor een resolutie moet hij geven? Het resultaat is dat 'Shaun of the Dead' tijdens z'n laatste vijftien à twintig minuten voor een groot deel simpelweg ophoudt een komedie te zijn, en verandert in een gewone zombiefilm: we krijgen een paar glorieus bloederige scènes waarin Shaun en z'n vrienden zich een weg doorheen de levende doden hakken, een finaal bloedbad waarin zelfs - in pure 'From Dusk Till Dawn'-stijl - de toog van het café in brand wordt gestoken. Allemaal goed en wel, dat is best wel onderhoudend om naar te kijken - maar op dat moment is de film niet meer grappig.

Maar goed, dat blijven maar kleine foutjes in een film die op z'n minst voldoende lef heeft om een genre dat recent opnieuw populair is geworden, op een redelijk intelligente, sympathieke manier in z'n hemd te zetten. De kans is groot dat het succes van 'Dawn of the Dead' binnenkort weer heel wat nieuwe zombiefilms zal genereren. Een degelijke parodie op het genre zal tegen die tijd meer dan welkom zijn.

http://uip.co.uk/romzom/
E-mailadres Afdrukken
 
Shaun of the Dead
UK / 2004
Regie: Edgar Wright
Scenario: Simon Pegg; Edgar Wright
Met: Simon Pegg; Nick Frost; Kate Ashfield; Dylan Moran; Lucy David; Penelope Wilton; Bill Nighy
Duur: 99 min.


Advertentie
Banner
Advertentie

TEST