Banner

I, Robot

3.0
Dennis Van Dessel - 05 augustus 2004




Isaac Asimov was, samen met enkele roemruchte collega's, zoals Arthur C. Clarke, Robert Heinlein en Philip K. Dick, één van de weinige SF-auteurs die ooit erkenning heeft gevonden in de literaire wereld buiten de grenzen van het genre. Zijn verhalen bevatten een filosofische en sociologische dimensie die er een zeer reële intellectuele zwaartekracht aan gaven - enfin, een zelfverklaarde intellectueel kon dit tijdens de zomer al eens op een strand liggen lezen zonder er achteraf excuses voor te moeten zoeken. Dat verfilmen was wellicht om problemen vragen - een hele schare hondtrouwe fans stonden klaar om elke afwijking van het bronmateriaal als een zwakte te interpreteren, dus er zou al bijna een prestatie van 'Lord of the Rings'-proporties voor nodig zijn om die allemaal tevreden te stellen. Regisseur Alex Proyas, eerder al verantwoordelijk voor de thriller 'Dark City', waagde toch een poging, en de ergste angsten van alle Asimov-fans zijn uitgekomen: in plaats van een intellectualistische thriller waarvan de plot ons vragen oplegt over wie en wat we zijn in de wereld, krijgen we een doodgewone zomerse blockbuster waarin Will Smith kogels en one-liners op ons afvuurt. Asimov werd ingeruild voor de Bruckheimer-aanpak.

De plot werd zeer losjes gebaseerd op een bundel van negen kortverhalen die Asimov schreef, en draait rond Del Spooner, een inspecteur op de afdeling moordzaken van Chicago, anno 2035. In deze tijd is het gebruik van robots met menselijke afmetingen schijnbaar de normaalste zaak van de wereld geworden: het dagelijkse leven is geautomatiseerd buiten alle proporties, met intelligente machines die fabriekswerk uitvoeren, de post bedelen en ook gewoon dienen als hulp in het huis. Om de gebruiksveiligheid van de robots te garanderen, heeft hun maker, Dr. Alfred Lanning (James Cromwell), drie standaardregels geïnstalleerd: een robot mag nooit een mens kwaad doen; hij moet alle bevelen van een mens opvolgen tenzij dat bevel in tegenstrijd is met de eerste regel; en hij mag zichzelf verdedigen, maar enkel indien die verdediging geen inbreuk van regel één of twee inhoudt. Op die manier kan er nooit iets mislopen met de robots, maar Spooner heeft het er niet op - hij wil zelf geen robot in huis, en is vastbesloten ooit te zullen bewijzen dat het systeem niet perfect is.

Hij krijgt z'n kans wanneer de grote baas van het betrokken roboticabedrijf, Lanning, sterft na een val van de zoveelste verdieping. De officiële versie luidt zelfmoord, maar Spooner verdenkt een robot die zichzelf schuilhield in de kamer van waaruit Lanning sprong. De robot ziet er in elk geval angstaanjagend menselijk uit: hij noemt zichzelf Sonny, maakt zich kwaad en stelt het soort van vragen dat geen enkele machine dient te stellen: "Wat ben ik?"

De geest van Asimov's ideeën valt hier nog wel terug te vinden: in een ernstiger film hadden aan deze plot vragen opgehangen kunnen worden rond de aard van menselijkheid (wanneer wordt een machine menselijk, waar eindigen geprogrammeerde reacties en begint de menselijke ziel?), rond de invloed van grote bedrijven op ons dagelijks leven en onze steeds groter wordende afhankelijkheid van machinerie. Die thema's zijn in opzet aanwezig in de film, maar ze weigeren om te kristalliseren in een heldere visie. Het grootste deel van de tijd worden ze overstemd door een nogal futloze whodunit, of door het soort van big budget actie/avonturengeweld dat we jaarlijks in tientallen Amerikaanse producties aantreffen. Steek Will Smith in een wagen die wordt vastgereden tussen twee vrachtwagens vol killer robots. Laat die robots vervolgens uit hun vrachtwagens kruipen om Smith aan te vallen. En kijk dàn eens waar je blijft met je vragen rond humaniteit, geweten en corporatief Amerika. 'I, Robot' heeft weinig of niets te maken met de ideeën achter Asimovs werk. Het is een zoveelste, ietwat clichématig, speciale effecten-extravaganza - zomervoer om popcorn bij te knabbelen, niet meer en niet minder.

Getuige daarvan een aantal verplichte conventies van het genre, zoals: het trauma uit het verleden dat de flik met zich meezeult, de onwaarschijnlijk aantrekkelijke dame die hem wil helpen, de scène waarin Spooners overste hem vraagt om z'n badge in te leveren en de vijand die plots een vriend blijkt te zijn. Die plotwendingen zijn haast standaard geworden voor elke film die ook maar van dichtbij of veraf iets met een politieonderzoek te maken heeft en hier is het niet anders. Overigens heeft ook 'I, Robot' te lijden onder dat vreselijke syndroom waar veel thrillers last van hebben: het compulsieve sporen achterlaten. Het éne personage wil aan een ander iets duidelijk maken, maar in plaats van z'n boodschap gewoon even op een ordinair cassetterecordertje op te nemen en 'm dat door te spelen, steekt dat personage een heel ingewikkeld systeem in elkaar met sporen die naar elkaar leiden en die dan voor het tweede personage maar voldoende moeten zijn om het plaatje in elkaar te kunnen puzzelen. Het zouden geen filmpersonages zijn als ze voor de makkelijkste oplossing zouden kiezen.

De actiescènes zijn echter de reden waarom de meeste mensen gaan kijken, en ik veronderstel dat ze vrij degelijk zijn - het waanzinnig uitgebreide gebruik dat hier wordt gemaakt van CGI, computergegenereerde beelden, maakt van 'I, Robot' in essentie evenzeer een combinatie van live action en animatie als destijds 'Who Framed Roger Rabbit'. Ook hier stonden Smith en kompanen voor een groot deel tegen een groen scherm te spelen en meer niet - de samenvoeging is vrijwel naadloos, met aan het einde een aantal zeer knap in elkaar gestoken actiescènes, waarin de camera 360 graden, ondersteboven, over en onder de personages heen draait. Dat is aardig om te zien, die scènes getuigen van technisch vernuft en ze zijn ook zo gechoreografeerd dat de logica van de situatie altijd duidelijk blijft.

Maar die paar spectaculaire momenten maken hier nog geen hit van: 'I, Robot' is en blijft een volstrekt oppervlakkige verfilming van een allerminst oppervlakkige schrijver, een film die verzuipt in de cliché's en die er nergens in slaagde om me vast te grijpen. Een echte verfilming van Asimovs werk zou je allicht niet met Will Smith moeten maken voor een release als zomerse blockbuster. Het zou niet eens een film zijn in hetzelfde genre als dit. Voorlopig zit ik nog even te wachten op die andere film.

http://www.irobotmovie.com/
E-mailadres Afdrukken
 
I, Robot
USA / 2004
Regie: Alex Proyas
Scenario: Jeff Vintar; Akiva Goldsman
Met: Will Smith; Bridget Moynahan; Alan Tudyk; James Cromwell
Duur: 115 min.


Advertentie
Banner
Advertentie

TEST