Banner

The Godfather Part II

10.0
Dennis Van Dessel - 24 december 2003

Slechts twee jaar nadat de eerste film zo'n overweldigend succes was geweest, keerde Coppola terug voor deel twee, een project dat hem verder volkomen zelfbeschikking zou opleveren binnen het Hollywood-studiosysteem. 'The Godfather Part II' kreeg, geheel naar het karakter van de regisseur, een nog grootsere visie mee, werd nog langer en epischer, en een al even groot succes. Veel critici en fans beschouwen de tweede film zelfs als de beste uit de trilogie.

We volgen simultaan de opkomst van de jonge Vito Corleone als beginnende gangster in het New York van de jaren '10, nadat hij is moeten vluchten uit Sicilië, en de verdere leiding die zijn zoon Michael veertig jaar later, in de jaren '50 geeft aan de familie. Het feit dat Coppola die flash-backs invoegt, heeft drie belangrijke functies. Ten eerste, wat het eenvoudigste is, vormen deze scènes een directe link met het boek waarmee het allemaal begonnen is: Mario Puzo beschreef deze scènes in zijn roman, en liet die afwisselen met de modernere plot die Coppola behandelde in de eerste film, en zich afspeelden in de jaren veertig.

Ten tweede geven ze de film een basis in het thuisland van de maffiosi - we horen Michael en de andere leden van de Corleone-familie spreken over tradities, over "the old country". Al van in de eerste film kregen we een constante indruk dat Sicilië, hun afkomst, doorslaggevend was voor hun mentaliteit, de manier waarop ze de wereld en hun eigen leven bekeken. Logisch dan, dat Coppola zijn tweede film daar wilde beginnen, hij wilde laten zien hoe en waarom dat thuisland zo pertinent aanwezig blijft voor de hoofdpersonages. Je zou zelfs kunnen spreken van een soort van wordingsverhaal - hoe werd Peter Parker Spider-Man, hoe werd Bruce Wayne Batman, en hoe werd Vito Corleone de Don? Alleen is dit wordingsverhaal veel minder banaal, krijgt het een veel diepere betekenis.

En ten derde zijn deze flash-backs het enige in 'The Godfather Part II' dat ons herinnert aan de warme familiegevoelens uit deel één. Michael is in dit vervolg immers hoe langer hoe meer vervreemd van zijn eigen gevoelens, de onschuldige, sympathieke jongen uit de eerste film is volkomen verdwenen. Hij kan worden vergeleken met de workaholic die dag en nacht op de baan is om zijn gezin te kunnen onderhouden, en ondertussen nooit bij hen is. Op dezelfde manier verdedigt Michael zijn zaken, de misdaden die hij beraamt, als noodzakelijk om de familie te beschermen, maar hij verwaarloost hen. Hij stoot zijn vrouw steeds verder van zich af, gedraagt zich gemeen tegen zijn broer Tom Hagen (Robert Duvall), en zijn eigen zuster veracht hem. Laat in de film krijgen we een korte scène waarin Michael eindelijk z'n menselijk gezicht eens even laat zien en zich tot z'n moeder keert om haar te vragen of je je familie kwijt kunt raken. Ze verzekert hem van niet, maar in Michaels ogen staat iets anders te lezen. Hij heeft zich zo genadeloos beziggehouden met z'n zaken dat hij alle mensen die belangrijk voor hem waren, is kwijtgeraakt. En in plaats van naar hen toe te gaan, te proberen nog iets te redden, kan hij zich enkel verder naar zichzelf toekeren en steeds kouder worden vanbinnen.

De scènes met Robert De Niro als een jonge Vito dienen als tegengewicht daarvoor, om het contrast aan te tonen met hoe het vroeger was, de verschillen tussen vader en zoon. Vito was geliefd, hij was een familieman die ondanks zijn job door iedereen graag gezien werd. Michael heeft niemand meer over - aan het einde zien we hem eenzaam in een stoel zitten, door iedereen verlaten. Hij heeft macht en geld, maar niets anders. Mensen houden niet van hem, ze vrezen hem. Dat is het contrast tussen Vito en Michael, tussen vroeger en nu.

Wie dat wil, kan in die contrasterende verhaallijnen zelfs een metafoor zien voor de Amerikaanse geschiedenis. Een land dat begon als een paradijs voor immigranten, een plek waar iedereen een kans kreeg, en dat vervolgens steeds kouder begon te worden, steeds meer met zichzelf bezig, tot de rest van de wereld op z'n best iets werd waar ze onverschillig tegenover stonden, of anders wel een bedreiging. Dat klinkt misschien ver gezocht, maar 'The Godfather' is wel een product van het Nixon-tijdperk, een ietwat paranoïde periode in de recente geschiedenis waarin een zeer felle kritiek bestond op de politieke machten - Nixon werd na Watergate de belichaming van het idee hoe macht kan corrumperen. Macht en geld worden een soortement monster dat continu eist om gevoed te worden - méér macht, méér geld. Het overkwam Nixon, en in 'The Godfather Part II' overkomt het Michael Corleone. Maar er komt natuurlijk een verzadigingspunt, waarop je alles hebt dat je ooit zult kunnen kopen, waarop je machtiger bent dan je ooit had kunnen dromen. En dan? Dan wordt het enkel nog een kwestie van onderhoud, zien dat je op diezelfde plaats blijft. Nixon liet er zijn vermeende vijanden voor afluisteren en hield zich bezig met andere corrupte praktijken, Michael laat moorden plegen.

Waar 'The Godfather' toont hoe familiebanden ervoor kunnen zorgen dat een individu zichzelf kapot maakt ten dienste van die familie, toont 'The Godfather Part II' hoe die keuze verdere invloed uitoefent op die persoon. In de eerste film begon Michael aan z'n trip naar een emotionele hel, in de tweede ontdekt hij dat hij goed is in wat hij doet, en aangezien hij niet terug kan, laat hij zich dan maar verder voeren op die rit. Het ultieme verraad van zichzelf en zijn familie komt er aan het einde, wanneer hij zijn eigen broer laat vermoorden. Op dat punt kan hij zichzelf niet meer wijsmaken dat hij handelt in functie van de familie (Wélke familie? Iedereen heeft hem verlaten). Weemoedig denkt hij terug aan vroeger, toen hij nog gelukkig was, toen hij nog deel uitmaakte van een gezin. Maar hij is alles kwijt.

Coppola vertelt ons dit veelgelaagde, epische verhaal met een onvoorstelbare zelfverzekerdheid. Hij vertrouwt erop dat zijn publiek drie uur lang naar een Al Pacino zal willen zitten kijken die langzaam maar zeker verandert in een menselijke ijskast, en het wérkt. Pacino heeft sindsdien geen enkele prestatie meer neergezet waarin hij zo volkomen verdween in de huid van een personage. 'The Godfather Part II' is Coppola's deprimerende visie op hoe hij Amerika zag op dat moment, en gaandeweg maakte hij de beste sequel ooit.

E-mailadres Afdrukken
 
The Godfather Part II
USA / 1974
Regie: Francis Ford Coppola
Scenario: Francis Ford Coppola; Mario Puzo
Met: Al Pacino; Robert De Niro; Diane Keaton; Robert Duvall; John Cazale; Talia Shire; Lee Strassberg
Duur: 200 min.



Advertentie
Banner
Advertentie

TEST