Banner

The Mule

4.0
Brecht Capiau - 09 februari 2019
alt

‘Ik begrijp niet waarom Billy Wilder ermee ophield, terwijl John Huston zelfs bleef regisseren in zijn rolstoel’, antwoordde Clint Eastwood in 2011 op een vraag of hij eraan dacht om binnenkort op pensioen te gaan. ‘Mensen pieken in verschillende periodes van hun leven’, klonk het toen nog stoer. Acht jaar en bijna evenveel films later zit de Amerikaan nog steeds stevig in het zadel. Na het debacle van 15:17 to Paris en het al even troosteloze The Mule lijkt het er echter op dat de neergang is ingezet nu Clint, letterlijk en figuurlijk, met minder vaste hand filmt.

Het begint allemaal best goed. We maken kennis met Earl Stone (Eastwood) wanneer die in 2005 letterlijk en figuurlijk de bloemetjes buiten zet op een conventie voor bloemenkwekers. Met zijn witte hoed, kleurrijk strikje en vlotte babbel is hij de chouchou van de oudere dames én heren. Als zijn lelie dan ook nog eens de hoofdprijs wint, kan niets de pret drukken. Dat Stone op dat moment het huwelijk van zijn dochter mist, beseft de man veel te laat. Vervolgens is er een flashforward naar 2017. De ooit zo succesvolle bloemenzaak van Stone gaat op de fles en Earl moet op zoek naar een nieuwe bron van inkomsten. Het aanbod om ‘ritjes te maken’ voor een Mexicaans kartel neemt de man dan ook met beide handen aan, met alle gevolgen van dien voor hem en zijn familie.

alt

In eerste instantie lijkt het alsof Eastwood een remake van Gran Torino aan het draaien is. Earl Stone is net als Walt Kowalski een Koreaveteraan en ook hij moet zich staande houden in de multiculturele wereld. In Gran Torino resulteerde dat in botsingen met Hmong Amerikanen, nu zijn die vervangen door Mexicaanse Amerikanen. Leverde die cultuurclash in Gran Torino nog interessante cinema op, dan gaat The Mule op dat vlak volledig de mist in. Eastwood is gemakzuchtig en doet geen enkele poging om de interactie tussen Stone en de Mexicanen enigszins interessant te houden. Zo is het weinig geloofwaardig dat Earl pas tijdens zijn derde rit ontdekt dat hij eigenlijk een drugskoerier is voor een Mexicaans kartel. Hieruit spreekt een ongelooflijke naïviteit die we van Eastwood niet gewend zijn (dat elke acteur zijn filmpersona nu eenmaal meedraagt, was een gegeven dat in Gran Torino net bijzonder sterk werd uitgewerkt). De racistische grapjes ten koste van de Mexicanen die Stone de ganse film uitkraamt, worden ook nooit gebruikt als kapstok om een kritische bespiegeling van de raciale verhoudingen in de Verenigde Staten aan op te hangen. Ze komen vooral gratuit en goedkoop over. Een enkele keer wordt het interessant wanneer de politie een Mexicaans uitziende man tegenhoudt en zijn wagen onderzoekt. De man staat doodsangsten uit en is dan ook stomverbaasd dat de politie hem zomaar laat vertrekken. Een dergelijke scène redt de film echter niet en Stone’s racistische uitspraken worden door andere personages vooral op gefronste wenkbrauwen en ongeloof onthaald. Het doet een beetje denken aan de warrige passage van Clint Eastwood op een republikeins congres enkele jaren geleden, waar het publiek beleefd bleef luisteren omdat het nu eenmaal Clint Eastwood was. Het genante incident werd dan ook snel met de mantel der liefde bedekt.

alt

Bradley Cooper en Michael Peña spelen de DEA-agenten die de jacht openen op Earl Stone. Ook hier stapelen de clichés zich op. Blijkbaar komt het duo enkel en alleen aan de nodige inlichtingen door hun informant Luis Rocha af te dreigen en niet door aan gedegen politieonderzoek te doen. Het feit dat beiden elke aanwijzing van Rocha blind volgen, komt evenzeer naïef over.

De portrettering van vrouwen in Clint Eastwood’s regisseurscarrière is altijd al problematisch geweest. Zijn regiedebuut, Play Misty For Me, was opgehangen aan de figuur van een vrouwelijke stalker, wat een interessant uitgangspunt vormde. Wanneer je in je tweede film, High Plains Drifter, echter een vrouw verkracht omdat ze je ‘lastig valt’, heb je plots een agenda. Ook later blijft dit een problematisch gegeven. In Unforgiven zijn het allemaal hoeren wiens eer Clint verdedigt en in The Bridges of Madison County tenslotte, bedriegt een vrouw zonder verpinken haar man als een fotograaf komt aanwaaien. Stalksters, lastposten en echtbreeksters, het is geen fraai portret dat de Amerikaan van de vrouw schildert. In The Mule gaat Eastwood echter voor de overtreffende trap. Tot tweemaal toe heeft Stone op zijn eerbiedwaardige leeftijd een triootje met vrouwen die viermaal jonger zijn dan hijzelf. Als Earl bovendien opduikt op de diploma-uitreiking van zijn kleindochter, kan je je de vraag stellen wat zijn echte motieven zijn. Houdt hij van zijn kleindochter of komt hij naar een vleeskeuring van jongedames kijken die allemaal afstuderen? Wat er ook van zij, Stone heeft hoegenaamd geen interesse in vrouwen ouder dan dertig. De zeemzoete reünie met zijn zieke vrouw komt dan ook bijzonder hypocriet over.

De ooit zo iconische blik van Eastwood oogt hol en dof in deze film en het valt op hoe broos en vermoeid Clint er dezer dagen uitziet. We hopen oprecht dat de man zich nog een laatste keer herpakt. Vrouwen en etnische groepen moet hij terug voor het voetlicht brengen, de plaats die ze werkelijk verdienen. Wat het laatste betreft weten we - Letters from Iwo Jima indachtig - dat hij dat ook kan. Wat de rest betreft is het echter koffiedik kijken. Een van de laatste scènes van de film belooft alvast weinig goeds. ‘Nu weten we eindelijk waar hij zit’, huilt de dochter van Stone als de man een gevangenisstraf krijgt. De vrouw als onbedoelde ‘comic relief’. Dat hadden we nog niet gezien bij Clint Eastwood.

E-mailadres Afdrukken