Banner

The Green Inferno

5.0
Dennis Van Dessel - 05 november 2015

In 1980 maakte de Italiaanse regisseur Ruggero Deodato zijn twijfelactige chef d’oeuvre, Cannibal Holocaust – een horrorfilm over een groepje arrogante westerse jongelui dat een documentaire gaat draaien over primitieve stammen in het Amazonewoud, maar nooit terugkeert. Later worden hun hun skeletten én hun beeldmateriaal teruggevonden en blijkt dat ze niet vredig in hun slaap zijn gestorven. Cannibal Holocaust was destijds zodanig realistisch en gruwelijk dat de regisseur zich zelfs voor de rechter moest gaan verantwoorden, omdat er vermoedens waren dat de acteurs écht waren vermoord. Zelfs nu, 35 jaar later, blijft het een van de ultieme dare to watch-films, die een rilling over de rug doet lopen van zelfs de meest geharde horrorfanaat. Dieren worden – écht! – aan stukken gehakt, mensen worden – gelukkig iets minder echt – verkracht en daarna levend opgegeten in een perfect storm van misogynie en misantropie die nog altijd controversieel is.

Cannibal Holocaust is ook een van de lievelingsfilms van Eli Roth, de protégé van Quentin Tarantino en zelfverklaarde horror-geek die eerder al Cabin Fever en de Hostel-films maakte. Met The Green Inferno levert hij zijn hommage af aan het kannibalen-subgenre, mét op de aftiteling zelfs een affectieve opdracht aan Deodato (“Per Ruggero”) en een lijst met aanraders van het genre uit de jaren zeventig en tachtig – want buiten Cannibal Holocaust waren ook Cannibal Ferox, Last Cannibal World en andere stichtende voorbeelden van groot belang.

Zoals wel vaker bij Roth, bestaat de premisse van de film voor een groot deel uit reactionaire jennerij van lefties: een groepje hypocriete, rotverwende wereldverbeteraars reist van de VS naar het Amazonegebied om daar een ontbossingsplan tegen te houden dat de woonplaats van een geïsoleerde stam bedreigt. Daar lijken ze in te slagen, maar op de terugweg lijdt hun vliegtuig motorpech en crashen ze middenin de jungle die ze probeerden te redden. Blijkt dat de natives die daar wonen helemaal geen nobele borsten zijn, maar wilde kannibalen die in de idealistische studenten vooral een smakelijk hapje zien.

In welke mate dat rechtse “laten-we-eens-wat-geitenwollensokken-te-kijk-zetten”-toontje oprecht is, is nog maar de vraag. De Italiaanse horrorcinema van dertig à veertig jaar geleden was nu eenmaal een politiek incorrect genre, met vaak een extreem problematisch vrouwbeeld en (uiteraard) een voorliefde voor vigilante violence waar zelfs toen al veel mensen voor terugdeinsden. Er is een reden waarom die films in zoveel landen verboden waren. Geen wonder dus dat Roth ook in The Green Inferno een beetje wil provoceren met zijn verhaal. De clichématige manier waarop de indianen worden voorgesteld als wilden (een cliché dat eigenlijk al 50 jaar lang achterhaald zou moeten zijn), past in diezelfde denkwijze.

En datzelfde geldt voor de meest gruwelijke sequens in de film: het vrouwelijke hoofdpersonage wordt vastgebonden op een tafel en dreigt ritueel besneden te worden – een van de meest vernederende, mensonterende praktijken die wereldwijd plaatsvinden, vrouwenbesnijdenis, wordt hier de inzet van een suspensscène in een exploitation film. Kan dat, of is dat erover? Wel, laat het ons zo zeggen: als het er over is, dan is het er wel over op exàct dezelfde manier als de kannibalenfilms van destijds. En concludeer uit die observatie dan maar wat je wil.

Als liefdesbrief aan een genre waar de meeste mensen snel op zullen afknappen, heeft The Green Inferno heeft zeker zijn momenten. Een scène waarin de overlevers marihuana verstoppen in een lijk, is bijzonder grappig: zij denken dat de kannibalen daar stoned van zullen worden en in slaap zullen vallen, maar waar ze geen rekening mee houden, is dat de menseneters al gauw de munchies krijgen. Duizend excuses, maar wij vinden dat grappig.

The Green Inferno is dus absoluut gemaakt door iemand die het genre goed kent en er een oprechte liefde voor koestert, maar om een succesvolle hommage te zijn, gaat de film dan weer niet ver genoeg. Hij is te afgelikt, te proper en uiteindelijk, ondanks alles, te Hollywood. Als Roth het écht had gemeend, dan was hij de jungle ingetrokken met een korrelige 16mm-camera en had hij geen simultaan geluid opgenomen, maar achteraf alle dialogen (slecht) laten dubben door andere acteurs. Dat was namelijk de esthetiek van die Italiaanse gorefilms, en dat was ook gedeeltelijk wat die films zo grensoverschrijdend en choquerend liet aanvoelen. En bovendien: hoewel Roth ongetwijfeld een van de Amerikaanse regisseurs is die het verst durft te gaan met zijn gruwelscènes, blijven ze klein bier in vergelijking met wat Deodato 35 jaar geleden deed.

Je kan je dus afvragen voor wie The Green Inferno eigenlijk gemaakt is: de fans van de Italiaanse horrorcinema zien meteen dat dit een flauw doorslagje is. Degenen die er niet mee vertrouwd zijn, zien vooral een wansmakelijk horrorfilmpje dat met zijn politieke referenties en scènes rond vrouwenbesnijdenis enkele zeer bedenkelijke bochten neemt. Een curiosum voor de fans, dat is het zeker. Maar veel meer krediet kan je Roth hier niet geven.

E-mailadres Afdrukken
 
The Green Inferno
VS / 2013
Regie: Eli Roth
Scenario: Guillermo Amoedo; Eli Roth
Met: Lorenzo Izzo; Ariel Levy; Daryl Sabara; Kirby Bliss Blanton
Duur: 100 min.


Advertentie
Banner
Advertentie

TEST